We Ademen In... en We Ademen Uit

Nog niet bekomen van de gevolgen van de een week eerder misplaatste linkervoet, loop ik met afgemeten voorzichtigheid de trap af naar de keuken op kantoor. Gewoonlijk sla ik per stap 2 of 3 treden over als ik naar beneden loop, maar nu betreed ik iedere trede op mijn weg. Toch voel ik hoe bij één stap mijn rechtervoet een te verwaarlozen centimeter verschuift, kennelijk om mijn wankel evenwicht te vergoeilijken ten opzichte van de heersende zwaartekracht. Een onbetekende centimeter, niet zichtbaar voor het oog, die slechts geregistreerd wordt door mijn voet zelf én door een onbeduidend plekje ergens laag op mijn rug, aan de linkerkant.  De tussenliggende onderdelen van mijn bouwdoos merken er niets van, zoals wanneer je wel eens krabbelt aan een plekje op je linkerarm en dat voelt op je rechterschouder zonder dat het daar tussenin bewust wordt geregistreerd. Grappig, denk ik eerst nog, maar direct daarna weet ik dat het niet grappig is. Een halve dag later blijk ik niet meer in staat mijn bovenlichaam naar links te bewegen ten opzichte van mijn onderlichaam. Liggen biedt geen verlichting, staan is niet verstandig, zitten verzacht in zekere mate. Dag na dag verstar ik.
Gelukkig heb ik vorig jaar al opgegeven te rennen voor een bijna haalbare metro, ik doe dat nu dus ook niet, al is de impuls altijd even aanwezig. En het is dat ik wéét dat het de ongeöliede metrowielen zijn die zo oorverdovend piepen anders was ik bang dat ik zelf de producent van dat geluid was.

Nu heb ik 12 jaar geleden al eens een Mensendiecktherapie gevolgd. Mensendieck is een soort fysiotherapie maar dan zonder dat je lichaam wordt aangeraakt. Dat is natuurlijk erg jammer, het was destijds de belangrijkste reden om in therapie te gaan. Maar toen ik er toch was heb ik keurig de cursus van begin tot eind gevolgd en met succes. Door het afwerken van een serie voorgeschreven oefeningen nam mijn rugpijn af en ik heb op aandringen van de cursusleidster het maken van deze verplichte figuren thuis voortgezet. Wel een hele week.
Ik weet nog wat die oefeningen zijn en besluit ze nu uit te voeren. 20 minuten per dag moet voldoende zijn. Eens kijken... plat op de grond liggen, benen half opgetrokken, één voet op de grond, de andere voet over de eerste heen, stuitje naar boven en dan het onderlijf draaien. Krak!! Ik heb direct resultaat maar of dat het goede resultaat is betwijfel ik. De 20 minuten heb ik in ieder geval vol gemaakt: 1 minuut met het zojuist beschrevene, en 19 minuten met proberen weer van de grond op te staan. De oefening lijkt mij niet voor herhaling vatbaar.

Op een uur na duurt deze toestand exact 2 weken. Ik beschouw deze periode als voorschot op wat komen gaat. Laatst vertelde iemand van 52 jaar me dat 's mans grootste fysieke aftakeling plaatsvindt tussen het 40e en 50e levensjaar. Mogelijk dat hij dat oordeel over 10 jaar bij moet stellen en over 20 jaar nog een keer. Vooralsnog ben ik op het ergste voorbereid. Al kun je natuurlijk beter niet te voorbereid zijn. Juist de recente voorzichtigheid had nare gevolgen.
Beter kan ik blijven rennen voor een te halen metro. Of gewoon eens op tijd opstaan.

[De scheve heup staat nu inmiddels een week niet meer scheef. Ik kan wel dansen. Ware het niet dat ik nu last heb van spit. Het wachten is op een hernia.]

lutek Woensdag 27 April 2011 at 10:20 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags:

Elle B. en Tante Polly

Roel de Plaatboef heeft vorige maand P.J. Harvey een stuk of 10 keer live mogen aanschouwen; Tante Polly, voor intimi. Zelf heb ik van de gelegenheid geen gebruik gemaakt. Ik hou van makkelijk. In plaats van af te reizen naar tal van Europese hoofdsteden, wacht ik tot Elle Bandita in Rotown een avond komt vullen met Polly-muziek. Je doet je ogen half dicht en je oren ook en het is net of Polly zelf voor je staat. Maar het is erg onverstandig om je ogen en oren half dicht te houden, want Elle is zelf ook zeer te genieten. En je bent er nu toch.
'Je bent er nu toch' gold voor aardig wat mensen, ik was nog niet binnen of ik herkende al 7 bekenden, binnen nog meer. Je kon er een bingokaart mee vullen. Een thuiswedstrijd. De gemiddelde leeftijd was wel van een hypotheekbesprekende aard maar dat kwam misschien omdat de muziek stond als een huis. De gemiddelde leeftijd was tevens van een horloge-georiënteerd allooi maar dat kwam misschien omdat de muziek klonk als een klok.

Elle Bandita had aan uiterlijke kenmerken weinig van zichzelf meegenomen: de gitaar was geleend, de laarzen waren geleend, haar hesje was geleend, en uiteraard de muziek ook. Ze had wel haar eigen benen meegenomen, zodat Rotown voor de gelegenheid het podium had verlaagd omdat ze anders haar hoofd aan het plafond zou hebben kunnen stoten.
Het concert was goed. Hoe weet ik dat zo zeker? Omdat Roel het goed vond. Als je recentelijk 10 keer Tante Polly hebt zien spelen, en als Tante Elle tegen je zegt dat ze hoopt dat je om die reden niet naar haar concert komt kijken, en het desondanks toch goed vindt, dan is het een goed concert.
Elle bedankte iedereen voor hun aanwezigheid en verliet het podium. Het verplichte juichen, roepen en fluiten nam een aanvang in opvulling voor en afwachting van de 'second coming' van Elle. De d.j. dacht daar anders over en zette een plaat op die het gejuich terstond deed verstommen. Geen toegift?
Elle stormde terug het podium op en liet de d.j. per microfoon weten dat ze nog wel even door wilde gaan. De d.j. schrok zich het apenlazarus. Elle had net zo goed geen microfoon kunnen gebruiken maar mèt microfoon kwam de boodschap wel zo duidelijk over. De toegift nam een aanvang en iedereen was blij.

Buiten Rotown was het nog warmer dan binnen. Ik kan me niet herinneren dat ooit eerder meegemaakt te hebben. Het gevolg daarvan was dat je buiten steeds erg veel dorst had en wel twee consumpties tegelijk wilde bestellen, maar eenmaal binnen bij de bar was die behoefte opeens weer verdwenen.
Zoals gezegd waren er nogal was mensen hypotheek- en tijdgebonden, waarop ik zelf besloot het noordelijke voor het zuidelijke te verruilen en wel per metro en wel per direct.

lutek Maandag 25 April 2011 at 11:33 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: ,

Vanmorgen Vanmiddag

De dag begon vanmorgen vroeg al, nog voor ik goed en wel wakker was. Door een kier van ogen en gordijnen zag ik zonlicht binnenschijnen. Ik wist wat me te doen stond en draaide me onmiddellijk om, doch de slaap kon ik niet meer vatten. Ik woelde wat nutteloos naar links en ik woelde wat nutteloos naar rechts maar niet te lang, stond toen op en ging koffie zetten.
In de huiskamer aangekomen was het er nog niet zo licht als ik had verwacht. Je hebt wel eens dat je net in of uit de regen loopt, het grensgebied passeert. Op één plek is de straat nat, een paar meter verder droog. Zo moet het ook geweest zijn met de zon: in de slaapkamer scheen de zon al, terwijl dat in de huiskamer nog niet het geval was. Op dat moment realiseerde ik me dat ik nog niet wakker was, en besloot koffie te zetten. Halverwege die actie kwam ik er achter dat ik daar al mee bezig was. Het werd tijd om de koffie te drinken.

De middag begon al vroeg en overhaast bedacht ik me hoe deze tot tevredenheid in te vullen. Hoofdingrediënt zon, zoveel was zeker, maar zon op balkon, zon in park, zon in grazige weiden elders te lande? Misschien zelfs zon in zwembad of zon op fiets. Ik zat een tijdje in de schaduw te bedenken hoe ik het best in de zon kon gaan zitten. Ik kon moeilijk een keus maken. Wellicht zouden meerdere opties gecombineerd kunnen worden? Ik zou bijvoorbeeld door het park kunnen gaan fietsen, of een grazige weide aanleggen op het balkon. Of beter nog: waterfietsen op een ondergelopen parkweide. Inmiddels was de aarde zodanig gedraaid dat ik vol in het zonlicht zat. Ho ho, dat was de afspraak niet. Ik verschoof mijn stoel naar de andere kant van het balkon. Nu keek ik vol op de voorgevel van Sportpaleis Ahoy. De lichtkracht meldde 'Laatste Nieuws', wat nogal omineus klonk maar ik ging er van uit dat 'recentste nieuws' werd bedoeld. Gek genoeg volgde er helemaal geen nieuws. Er was zeker geen nieuws. De lichtkrant begon weer van voor af aan. Prettige Paasdagen.

Hoe zou mijn relatie tot de zon zijn vandaag? Ik was er nog altijd niet uit. Maar wacht eens: Zon op terras, dat was ook een mogelijkheid. Dat in combinatie met een fietsrit, een omweg door het park en... Vergeefs zocht ik naar een mogelijkheid het zwembad in het plan te betrekken, tot me te binnen schoot dat ik nog een opblaasbaar exemplaar in de rommelkamer moest hebben liggen, waarnaar ik direct op zoek ging.
Korte tijd later bevond ik mij op het terras van een localiteit met tapvergunning in de stad. Nog voordat ik bediend werd had ik het zwembadje al goeddeels opgeblazen. Het bleek in de volle zon nog gekleurder dan in mijn herinnering, knalgeel met knalrood en een beetje knaloranje. Een bedienende dame vroeg wat ik aan het doen was. Merkwaardige vraag. Dat was toch volkomen duidelijk, ik was het zwembadje aan het opblazen. Dat vertelde ik haar dan ook en bestelde meteen een witbier, lekker fris, en of ze een paar emmers water voor me kon halen. 'Alstublieft', voegde ik er keurig aan toe.

Mijn bestelling moest ik direct afrekenen en water bracht ze niet mee. Daar had ze het misschien te druk voor. Of het was haar te warm. Nee, te warm kon niet de reden zijn, want allicht had ze zelf gebruik kunnen maken van de instant zwembadgelegenheid. Wellicht zat haar werktijd er net op. Ik heb haar althans niet meer gezien. Ook niet toen ik heel erg verlangde naar een volgende bestelling. Ik besloot maar weer naar huis te gaan en op het balkon nog even gebruik te maken van de combinatie zon en zwembadje. Het was zonde om het zomers artikel in de tussentijd leeg te laten lopen als ik het daarna weer zou gebruiken, dus liet ik de lucht er inzitten, wat matig ongenoegen opriep bij andere gebruikers van het fietspad, een pad dat andermaal per omweg door het park leidde. Merkwaardig, zeker nog nooit iemand met een opblaasbaar zwembad gezien.
Thuisgekomen kon ik wel wat verkoeling gebruiken. Heerlijk, zo'n zwembadje. Als je er zo één op je balkon hebt, hoef je eigenlijk de deur niet meer uit.

lutek Zaterdag 23 April 2011 at 9:57 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: ,

RecordStoreDay

Groente, brood en vlees koop je respectievelijk bij de groente-, brood- en vleesboer. Tenzij je minder wilt betalen, dan koop je ze bij de supermarkt. De kwaliteit is wat minder en gedurende het leven heeft de supermarktgroente, het supermarktgraan en vooral het supermarktdier minder leefruimte gekend dan zijn soortgenoten die bij voornoemde 'boeren' worden aangeboden, maar je hebt een min of meer gelijksoortig product. Eet smakelijk.
Elpees en CD's koop je bij de onafhankelijke platenzaak. Hierin heb je geen keus. Er bestaan geen kiloknallers op muziekgebied. De muzieksupermarkt beschikt namelijk over een heel ander assortiment dan waar de onafhankelijke platenzaak over beschikt. Om dit heuglijke feit te vieren en te benadrukken is de RecordStoreDay in het leven geroepen. Dit wordt luister bijgezet door middel van kleine optredens van bands. Lang leve RecordStoreDay. Ik beperkte mij tot dolle rondloop in Rotterdam Centrum. De dag wordt ook elders in Nederland gevierd, sterker nog: het fenomeen is internationaal, maar het ging me te ver om andere steden aan te doen, laat staan andere landen. Rotterdam Centrum viel net aan te lopen.

Velvet op de Oude Binnenweg beschikte over de topper van de dag: Bettie Serveert. Er waren nog wel diverse zangeressen die iedere andere dag een hoogtepunt zouden betekenen, deze dag lag het hoogtepunt bij Velvet. De drie Velveteers waren zeker een minuut druk in de weer met het opstellen van de geluidsinstallatie. Ze hadden het kleinschaliger aangepakt dan vorig jaar. Velveteer Manfred zat gedurende het optreden precies op navelhoogte achter zangeres Carol, zogenaamd om af en toe nog wat aan geluidknoppen te draaien, maar in werkelijkheid wilde hij zijn ideale plek niet opgeven. Overigens moet hierbij worden aangetekend dat zangeres Carol haar navel niet op haar rug heeft. Nee, ze is altijd gewoon gebleven.

In Plato trad Pien Feith op. Niet alleen trad zij er op, ook de dochter van een bekende pubgezel verzorgde een act. Ze begon eerst in mijn benen te klimmen, toen ging ze in mijn armen klimmen, en toen de muziek begon, bleek ze als ballerina een sterk subsidie afdwingende zwaartekrachtperformance in huis te hebben. Ik wist niet voor wie ik harder moest applaudiseren.

In de Plaatboef werd een gedeelte van de optredens verzorgd door TinyMusic. Je kunt weinig meer kleinschalig organiseren of TinyMusic komt om de hoek kijken. Iedereen was er, en met iedereen bedoel ik ook iedereen. Behalve de mensen die er niet waren.
En daar bleef het niet bij: voor de deur van de Plaatboef, in het zonnetje trok The Ragtime Wranglers veel bekijks. Je kreeg er dorst van. Het is zeker dat ik gemakkelijk te lezen ben, want plotseling stond hoofdboef Roel voor mijn neus en hield mij een biertje voor. Ik vond het onbeleefd dit aanbod af te slaan. Naarmate de band langer speelde, ging de muziek langer door. Een toegift kon daar niets aan verhelpen.

Terug dan naar Velvet. Een goed begin van de dag vroeg om een goed einde. The Yes Please zong en zong. Tamara Woestenburg zong en zong. Je kreeg er dorst van. Het is zeker dat ik gemakkelijk te lezen ben, want plotseling stond Velveteer Manfred voor mijn neus en hield mij een biertje voor. Ik vond het andermaal onbeleefd dit aanbod af te slaan.

lutek Woensdag 20 April 2011 at 12:33 am | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

De Machinist

Als je met 10 mensen afspreekt in 'De Machinist' loop je alle 10 de kans geen van de anderen tegen te komen. Het is nogal groot. Het beslaat een heel blok, een halve straat. Er is een restaurant, een filmzaal, een bar, een pub, een speeltuin, een podium, een disco, een tentoonstellingsruimte, en het zou me niet verbazen als er ook nog een winkelcentrum, een dierentuin en een zwembad is.
Ik was er slechts in mijn eentje en dat was al voldoende om geen anderen tegen te komen, hoewel dat ook te maken kan hebben met het feit dat ik per misverstand 3 uur te vroeg ter plaatse was. Ik wachtte op een man met een gitaar.
Ik doodde de tijd met lezing van het machinist-krantje, ik las het van voor naar achter, toen van links naar rechts en tot slot nog een keer van boven naar onder. (Een tiental minuten vloog voorbij.) Ik had onder andere gelezen dat het interieur temidden waarvan ik mij bevond gedeeltelijk was ontstaan uit 'recycled art'. Wat is dat precies? Is het: een schilderij uit een museum stelen en elders tentoonstellen, daar weer een foto van maken, op beide onderdelen subsidie aanvragen, en dit hele idee verkopen als conceptuele kunst? Nee, in dit geval betekende het dat onderdelen van het meubilair vroeger onderdelen waren geweest van ander meubilair. Ik keek om me heen en woog de mate van hergebruik. De bar was vroeger misschien iets geweest waar je boeken in kon opbergen. De tafeltjes niet. Van de barman was ik niet zeker. De stoeltjes hadden mogelijk eens als scheidingswand gediend, al zag ik zo snel niet waartussen.

Na een uur was ik niet meer de enige wachtende. Als avondeten bestelde ik een stukje chocoladetaart dat er inging als koek, geheel in overeenstemming met de bodem van de taart. De pub was zo klein dat het er al bevolkt zou lijken als er, zo schatte ik in, 6 of 7 gasten waren. Onderdeel van de pub waren tal van hoekjes en zitjes en nisjes. Waartoe had deze ruimte vroeger gediend, voordat het hele gebouw gerecycled was? Ik mijmerde maar wat voor me uit, hoefde niet echt van vroeger te weten, het was een vraag de geen antwoord behoefde, doch een buurman van 800 jaar oud nam mijn mijmering voor concrete belangstelling en begon de geschiedenis uitgebreid uit de doeken te doen. Per vierkante meter aardrijkskunde kreeg ik een cubieke meter geschiedenis te verwerken. Gelukkig had ik net gegeten. Graag had hij me door het gehele gebouw gegidst, maar ik had de komende 48 uur nog iets anders te doen en bedankte voor het aanbod.

De barman zette een muziekje van Smog op. De barman was niet gerecycled. Mark Lotterman kwam net naar binnen lopen, hij was ook niet gerecycled, hoewel hij er bij daglicht 10 jaar jonger uitziet dan laatst in Exit. (N.B. in Exit is het 24 uur per dag nacht.)
Mocht de pub van De Machinist een winstoogmerk hebben, maakt men een commerciële vergissing door mannen met gitaar te programmeren. Mannen met gitaar die weinig geld hebben trekken een publiek van jongemannen zonder gitaar en zonder geld. Of erger nog: jongemannen zonder geld maar met gitaar. Een groep van 6 mensen bestelde gezamelijk 4 drankjes en betaalde die met afgemeten munt.
Mark Lotterman zong mooie liedjes. Daarna was het podium open voor jongemannen met gitaar maar zonder geld en zonder talent. Ik was de avond te vroeg begonnen maar ging op tijd weer weg.

lutek Zondag 17 April 2011 at 6:06 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Een Nieuwe Lente, een Nieuwe Zwerver

Gezeten op parkbankje, in zon, lentefoto's bewonderend die ik net had gemaakt, vormde ik een prima onderwerp voor iemand die foto's maakt van mensen die in parken in de zon hun zojuist gemaakte lentefoto's zitten te bewonderen. Maar zulk een fotograaf was niet in de buurt, ten minste niet in zicht. Mocht die er toch zijn geweest zou hij van veraf een telelens moeten hebben gebruikt want een wijds panorama was mijn deel en in dat panorama was geen enkele fotograaf te bekennen.

Niet in mijn visuele panorama maar in de auditieve variant was er plotseling wel iets te bekennen. Geritsel en geruis, terwijl ik - zo wist ik zonder op te kijken - niet naast enige vorm van struikgewas had plaatsgenomen. Een vogel misschien? Nee, vogels neuriën niet. De maker van dit geruis en geritsel neuriede. Het kon geen vogel zijn. Ik keek op.
Een meneer in dikke donkere kleding en met ongelofelijk veel haar ontfermde zich over de naast het parkbankje plaatsgenomen prullenbak en hij deed dit niet beroepshalve. Behalve de dikke kleding zeulde hij ook nog een vuilniszak met inhoud mee en had een rugzak correct bevestigd op, de gezien de betekenis van het woord nogal uitnodige plek, zijn rug. Hij groette met iets wat op een knik leek, of knikte met iets wat op een groet leek, dat verschil kon ik zo snel niet waarnemen, terwijl hij zich meester maakte van enkele lege plastic flessen alsmede een halve boterham. Overige rommel plaatste hij keurig terug in de daarvoor bestemde prullenbak. Rond het bankje was het nu schoner dan een minuut geleden.

Toen ik mijn lentefoto's uit was bewonderd - je kunt niet blijven genieten - stapte ik op en liep het park uit. Een paar bankjes verder zag ik de weelderig behaarde meneer opnieuw goede tweedehands zaken doen bij een andere prullenbak. Hij was er net mee klaar en nam plaats op een bankje aldaar, op gepaste afstand van een meisje dat heel erg haar best deed hem niet aan te kijken, tot het hardnekkige aan toe. Toegegeven, misschien mankeerde ze buiten mijn weten iets aan haar nek. Maar ik denk het niet. Ik denk eerder dat ze iets mankeerde aan haar omgangsvormen, met name de op het gebied van de beleefdheid van toepassing zijnde. Terwijl ik het duo wat nooit een duo zou worden passeerde, gebaarde de man met zijn ogen dat hij, net als ik, al lang had gezien hoe hij genegeerd werd. Het deed hem niks, het zou hem wat. Hij neuriede een vrolijk deuntje.

lutek Donderdag 14 April 2011 at 8:05 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Struikelhul

Kees van Kooten schreef eens een modermisme getiteld 'Struikelhul'. Dit houdt in: het verhullen van een letterlijke of figuurlijke struikeling. Als voorbeeld gaf hij het verdoezelen van een struikeling over een losse tegel door, direct na de struikeling, in één beweging door, plots op een drafje te gaan lopen en op je horloge kijken ten teken dat je je realiseert dat je je moet haasten. Omstanders zullen niet denken dat je over een tegel struikelde en zo zal geen hoon je ten deel vallen.

Tot zover de theorie. De praktijk kent vele andere voorbeelden. Jammer dat ik nu net met een voorbeeld kom dat sprekend lijkt op het bovenstaande. Het heeft dan eigenlijk geen meerwaarde het geval te beschrijven. Toch doe ik het, met name omdat ik zeer zeker ben van de plaatsgevonden struikelhul. Het zou daarom zonde zijn de persoon die het overkwam niet te ontmaskeren. Hoe kan ik zo zeker zijn van mijn zaak? Omdat ik het zelf was.

Des ochtends per te voet van metrostation naar werkgever. Minuten wachten voor het stoplicht. Ik ben al te laat. Eindelijk groen. Lopen. Draf. Nog voor de eerste fietser de voetgangers links inhaalt en deze rechtsafslaand afsnijdt ben ik reeds het fietspad voorbij. Als eerste galoppeer ik het trapje met 8 treden af. Krak!
Mijn voet slaat dubbel, hoorbaar. Voelbaar ook. Als ik niet snel mijn schoen uittrek kan ik die straks niet eens meer uittrekken. Als ik wel mijn schoen uittrek krijg ik die straks (en de volgende 2 dagen) niet meer aan. Mijn voet tot aan de knie wordt ondergedompeld in een warme pijn, zoals wanneer ik 's morgen in het water stap als ik in bad ga. Maar 's morgens als ik in het water stap word ik niet gadegeslagen door 30 paar ogen.
Dit alles gebeurt in een fractie van een seconde. Ik ontlast mijn been direct van mijn lichaamsgewicht en vang het tezelfdertijd op met mijn andere been. Ik behoud mijn evenwicht en... ik loop gewoon door. Ik kijk niet op of om, niet naar onder. Ik ga zelfs niet langzamer lopen, of althans met miniem verschil. Een perfecte stuikelhul.
Ondertussen zoek ik in de jukebox van mijn hoofd wanhopig naar een liedje ter afleiding en stuit uiteindelijk op 'Head over heels'.

lutek Dinsdag 12 April 2011 at 10:27 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Wah wah wah

Bij het instappen in een drukke metro merk je wel eens dat mensen die sinds een vorig station in de metro staan, vinden dat ze meer recht op een metroplek hebben dan jij die er een volgend station wil instappen. Ze wijken met tegenzin. Ze kijken je aan, of juist weg. Ze brommen wat. Het zou me niet verbazen als dat juist de mensen zijn die, wanneer je bij hen op bezoek zou gaan, je te kennen geven vooral te doen alsof je thuis bent.
Je zou het eens moeten proberen. Binnenkomen, jas op de bank gooien, iets uit de ijskast pakken, computer aanzetten. Garantie voor een overgetelijke avond.

Verderop in de metro bleek nog alle ruimte. Mensen stonden voor niets op een kluitje bij de deur. Ik zat neer en viel in een gesprek naast me van een dame die iets vertelde aan twee toehoorders. Dat ging als volgt:
-Hij zegt anders nooit iets, vertelt nooit iets over zichzelf, en opeens ging hij van: wah wah wah bla bla bla, hele verhalen. Echt, wah wah wah. Hij bleef maar van wah wah wah.
-[de toehoorders knikten]
-Maar die foto's waren echt mooi. Eèècht mooi. Hij had me zo van een beetje gothic opgemaakt. Ik liet ze zien aan een paar vriendinnen en nou die reageren anders ook niet zo, maar die waren echt van: wah wah wah, soooo wah wah wah, je weet wel, allemaal, wahhhh wah wah.
-[de toehoorders bevestigden het aangehoorde met een tweetonig bromgeluid]
-Nou ben ik zelf ook wel van wah wah wah, maar die waren echt... waaaaahhh wah wah wah.

Ik keek voorzichtig opzij om te zien of ze misschien in de gitaarwinkel een wah-wah-pedaal had aangeschaft, niet tot thuis kon wachten en dat nu in de metro alvast aan het uittesten was. Dat bleek niet het geval. Ze had overigens ook geen gitaar bij zich. Ze had slechts haar handen die tijdens iedere 'wah wah wah' wild in het rond zwaaiden ten teken dat ze mensen citeerde c.q. parafraseerde met veel noten op hun zang.
Ik was benieuwd naar de foto's. Ik was ook benieuwd naar haar gitaarspel. Ik was benieuwd naar wah wah wah.

lutek Zaterdag 09 April 2011 at 10:08 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Tiny Thuiswedstrijd

Met vrees vooraf dat ik de tiende editie van TinyMusic zou verstoren met gehoest en gekuch begaf ik mij naar ROOM. De vrees was ongegrond. Wel vertelden mijn buurvrouw van de avond en ikzelf wat fluistergrappen over en weer door het laatste nummer van de beide acts die deze avond voor ons speelden. 'Ons', zijnde het publiek dat immer op deze muziekavonden in bonte combinaties de mensheid gestalte geeft. En wat een mensheid was het deze avond weer! Bij deze bontheid zou ieder wasmiddel verbleken.


(deze meneer wilde niet op de foto)

ROOM is weliswaar een hostel, maar herberg vind ik een veel mooier woord. Het is daarom een herberg. De herbergier had instructies om het zoals altijd sponsorende Olm-bier gratis weg te geven aan de betalende bezoekers, en vaste lage prijzen te vragen voor de overige drankjes. Het ging goed met de Olm.


(deze mevrouw wilde niet op de foto)

Het ging goed met mijn keel, geen gehoest of gekuch, de Olm was daar deels debet aan. Ook ging het goed met mijn buurvrouw. Die zat ook aan de Olm maar of dat daar debet aan was durf ik niet te zeggen. Ik keek ROOM op mijn gemak eens verder rond, schudde handen met onbekenden die bij nader inzien bekenden bleken, en anderom. Ik keek eens uit het raam over de Veerhaven en vertelde links en rechts aan iedereen die het niet wilde weten dat ik hier op een steenworp afstand werkdagelijks op kantoor zit. Jazeker, ik speelde deze avond een thuiswedstrijd.


(deze mevrouw wilde niet op de foto)

Er was zoals gezegd muziek. Marten de Paepe speelde mooie luisterliedjes. Hij deed wat binnen zijn bereik lag. Voor sommige toehoorders was dat te weinig. Zelf vond ik het wel prettig om eens iemand te horen die zich geen buil valt, die weet waar zijn eigen grenzen liggen. De tweede helft van de avond was van Canadese makelij en luisterde naar de naam Christina Maria. Ik heb niet persoonlijk getest of ze ook werkelijk naar die naam luisterde maar nam dat voor het gemak aan. Zij speelde eveneens luisterliedjes. Er moest flink wat geluisterd worden. Gelukkig had ik allebei mijn oren bij me. Nou had ik voor Christina Maria mijn oren net zo goed thuis kunnen laten want ze kwam direct via je hersenpan binnen. Ka-boing! Drie dagen later floot ik nog na.
Fluitend ging ik de volgende maandag naar mijn werk, passeerde ROOM waar nog geen beweging te ontwaren was, fluisterde het in het voorbijgaan een prettige dag toe en vervolgde fluitend mijn weg.

lutek Donderdag 07 April 2011 at 9:02 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

De Lift

Van winkel terugkerend, tevreden vaststellend dat niets mijn aanschafsaandacht had ontsnapt, rolde ik de boodschappenkar de hal van de flat binnen langs opengehouden deur en openhoudende buurman, elkaar wederzijds middagen van goede snit toewensend; wellicht ten overvloede: de buurman en ik, niet de buurman en de deur. Het was een zondagmiddag zoals duizenden: een beetje zon, een beetje lui, een beetje bijkomen, een beetje voorbereiden.
Ook de liftdeur hield hij voor me open, zodat ik meende dat een volgende beleefdheidsfrase op zijn plaats was. Hij drukte achtereenvolgens twee genummerde liftknoppen in, corresponderend met de respectievelijke verdiepingen waarop hij en ik wonen. De lift zette zich in opwaartse richting in beweging. Wij bewogen mee.

Behalve een bezoek aan de superwinkel had ik ook een bezoek aan een verkoopoverschotboekenwinkel gemaakt. Hier had ik een puzzelboekje gekocht voor de, gezien het aantal puzzels dat het bevatte, redelijke prijs van 2 euro en 50 cent. Dit boekje had ik na aankoop niet bij de andere boodschappen opgeborgen maar in de hand gehouden, overeenkomstig de verwachting dat ik, bij wijze van spreke althans, eerder thuis zou zijn dan het op had kunnen bergen.
Hoewel de lift slechts enkele verdiepingen hoefde te verhogen, zien de gebruikmakers van dit vervoermiddel - ook ik - toch altijd weer kans de vreemdste zaken te bespreken. Niet zelden komt het weer ter sprake, het aanstaande eten, of het zojuist genoten vervoer. Soms wordt een dergelijke opmerking in vragende vorm gemaakt. Ik voel het in dergelijke gevallen mijn plicht hier immer een weloverwogen antwoord op te geven, de vraagsteller geen genoegen nemen latend met zomaar een 'ja' dan wel een 'nee'. Ik schets ter illustratie het tijdsverloop van zulks: 1 verdieping duurt een doorgaans verplichte stilte, 1 verdieping duurt de vraag, 1 verdieping gun ik mij over het antwoord na te denken, 1 verdieping duurt mijn antwoord. Tegen die tijd sta ik eigenlijk al met één been buiten de lift en is het daarom niet onmogelijk dat mijn antwoord de vraagsteller niet in volle omvang bereikt. Het zij zo.

Dit keer was de zaak omgedraaid: buurman begon de conversatie niet, ik begon die. Weliswaar niet met een vraag maar met een opmerking, of eigenlijk een verklaring. Ik had buurman al de tijd van 1 verdieping zien turen naar hetgeen ik in mijn hand had: het puzzelboekje. In de tijd van nog een verdieping hield ik het voorwerp omhoog en verklaarde op wat ik hoopte dat een grappige toon was: "Zo, ik kan weer naar het toilet." Het was 1 verdieping stil. Toen ik op het punt stond uit de lift te stappen, reageerde buurman: "Jaaa... het blijft allemaal maar doorgaan, hè."
De liftdeur sloot zich, de lift zette zichzelf en buurman in beweging, ik bleef achter in totale verwondering. Wát blijft maar doorgaan? De lift, de puzzelboekjes, het toilet, de boodschappen, de zondag, het leven? Waar doelde buurman op? Luisterde hij wel? Luisterde ik wel? Ik was met stomheid geslagen. Nog urenlang overwoog ik, liever per trap dan per lift, naar hem toe te gaan en hem alsnog om uitleg te vragen. Ik deed het niet.

lutek Zondag 03 April 2011 at 7:44 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: ,