Reisverslag

De erwtensoep komt langzaam mijn neus uit. Dat is gewoonlijk, want figuurlijk, niet zo erg. Dit keer is ongewoonlijk, want letterlijk, en vrij vervelend.
Een geplande schrijfweek (Zwitserlandreisverslag) valt in het water door lichamelijk zwaktebod. De geest heeft geen eigen wil. De wil geeft de geest. Misschien morgen.

De volgende dag biedt geen verandering... geloof ik. Ik bedoel te zeggen dat ik moeite heb onderscheid tussen de dagen te maken.
Ik beschouw de week reeds halverwege als verloren en voel het daarom niet als opoffering om een 'openmicsessie' bij te wonen in Café Voigt. Daar zat ik trouwens al naar uit te kijken.
Na aankomst zit ik eerst een half uur te rillen, te zweten en te ijlen voordat ik begrijp wat er om mij heen gebeurt. Dit ontgaat de goegemeente goeddeels daar het een warme avond na een koude dag is (of andersom; ik heb werkelijk geen idee).
Bijgekomen en in mijn element (voornamelijk zuurstof) beluister ik diverse optredens van diverse optredenden.

Even later krijg ik de niet te benijden taak iemand uit te leggen waarom een bepaald optreden 'niet mijn smaak' is.
Waarom is het 'niet jouw smaak'? Is het te dít? Is het te dát? Waarom vind je dat andere dan wel leuk?
De moed zinkt me in de schoenen. Ik weet het niet. Het is gewoon niet mijn smaak.

Iemand zingt over 'Armageddon' alsof het iets vreselijks is.

lutek Vrijdag 29 Juni 2012 at 3:14 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , , ,

Klein Festival

Wat een klein, kleinschalig festival vaak zo leuk maakt, is dat het klein en kleinschalig is. Om er voor te zorgen dat een klein, kleinschalig festival (5e editie alweer) klein en kleinschalig blijft, zou je er eigenlijk voor moeten zorgen dat het programma wat tegenvalt, niet gevarieerd is, dat niet iedereen komt opdagen, dat er onredelijke prijzen worden gehanteerd en dat het de hele dag regent.
Bazar Bizar deed dit jaar alles verkeerd.

Omdat ik in 1 uur tijds door 3 verschillende mensen werd uitgenodigd Bazar Bizar bij te wonen, zegde ik niet toe maar ging er direct heen. Het werd gehouden rond De Oude Kerk te Oud-Charlois. Charlois bestaat dit jaar 550 jaar en heeft tal van festiviteiten op haar kerfstok. Zo was er al een rollatorrace en een plasticbloemschiktentoonstelling en binnenkort is er ook gebit-happen-op-laag-water. Gelukkig ben ik voor geen van die zaken uitgenodigd, maar wel voor genoemd klein, kleinschalig festival.
Er waren diverse kraampjes met getekende of geschilderde kunstuitingen. Ook waren er kleine kraampjes met kleinschalig eten en drinken. Er stond een kleine DJ te draaien, en verderop deed iemand iets op een kleinschalig podium.
Ik liep ter ontspanning even de kerk in, waar ik al tientallen jaren niet binnen was geweest. Het viel mij op dat het interieur zo licht was, anders dan in mijn herinnering. Misschien dat het eertijds altijd op zondagochtend regende, dat kon ik mij zo niet meer precies voor de geest halen.
Aan de muur hing een lijst met geroepen dominees. Ik herkende de naam van de huidige. Mijn moeder is heel blij met de nieuwe voorganger, het is een vlotte vent. Laatst zag ik hem zelf ook.
-'Vind je het geen fijne man?', vroeg mijn moeder me.
-'Jazeker', beaamde ik. 'Goed, hij gelooft in God, maar verder lijkt het me een heel geschikte kerel'.

Ik bleef in de kerk luisteren tot het einde van een stuk van Bach (gespeeld op het mooie oude orgel) en herverkoos daarna de letterlijke verlichting buiten.
Er stond een dichterspodium opgesteld - een Oudcharloische zeepkist - waarop iemand buitengewoon dramatisch stond te declameren. Dramatisch, in beide betekenissen van het woord. Op hetzelfde moment draaide de DJ (er vlak naast) een liedje van Harry Merry, wat een hilarisch contrast gaf. De ietwat waaiende wind zorgde voor nog een extra effect, namelijk dat de woorden van de dichteres ofwel links de boom in werden geblazen, ofwel van rechts werden getorpedeerd door de klanken van Harry. Er ze hád het al zo moeilijk, dacht ik, voor zover de woorden waren te verstaan.

Bij een kraampje van Burgertrut bestelde ik regelmatig een billijke perencider. Met het flesje in de hand werd ik aan de lopende band aangesproken door mensen die wilde weten waar ik dat bier vandaan had.
De eerste keer ging dat zo:
-He zeg, waar heb je die vandaan?
-Bij de stand van Roodkapje. (omdat me de naam Burgertrut steeds ontschoot)
-Lekker, ik ga ook een biertje halen.
-Het is geen bier maar cider.
-Oh... nou laat dan maar.

De tweede keer ging dat zo:
-Zo, dat ziet er lekker uit, waar koop je dat bier?
-Bij Roodkapje daar, maar het is cider, hoor.
-Hmm.

Vanaf de derde keer ging het zo:
-Ha...
-Nee, het is cider.

De hele middag waren er cabareteske verschijnselen waar te nemen: vreemde lui deden hun best het publiek in verwarring te brengen, waar ze wonderwel in slaagden. De zon schitterde kleinschalig toe. De bomen schudden oorluikend toe. De kerk schudde oogluikend buik.
Ook was er levende muziek met levende toeschouwers. Klein en kleinschalig uiteraard, maar dat gaf helemaal niets, integendeel. 'Strafkamp' bewees dat het mogelijk is zinnige en dichterlijke teksten in de Nederlandse taal te schrijven. Niet dat ze dat zo graag wilden bewijzen, ze hadden wel iets beters te doen, namelijk muziek maken en zingen.
Nee, er was op het hele festival geen mens te vinden die iets wilde bewijzen. Heerlijk. Wat een verademing. Hopelijk bestaat Charlois volgend jaar 551 jaar en zal dit festival opnieuw worden georganiseerd, groots en kleinschalig.

lutek Maandag 25 Juni 2012 at 2:19 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , , , ,

"Take Me To The Matterhorn"

Het is niet vreemd dat er dagenlang een lied van Garland Jeffreys in mijn hoofd speelde, uitkijkend als ik was op, over, voor en tegen bergen, bergen en nog meer bergen. Welke daarvan nu precies de beroemde Matterhorn was, kon ik niet zeggen. In de hele wereld is de Matterhorn bekend als Matterhorn behalve... bij de Matterhorn zelf! Daar heet die opeens de Cervin. Hier kwam ik na 3 dagen pas achter, toen ik reeds in een ander deel van de vallei (de Val d'Anniviers) verzeild was geraakt, eveneens met uitzicht op bergen, bergen en nog meer bergen, die echter één ding gemeen hadden, namelijk dat geen van hen de Matterhorn was, noch de Cervin.
Tegen die tijd loop je niet even terug om nog eens te kijken. Je bent allang blij als je in één deel het volgende hotel haalt (of hooguit in twee).
Afijn, de Besso was ook heel erg mooi, en heb ik goed van dichtbij kunnen zien, naar verhouding. (De genoemde verhouding slaat op 'dichtbij', niet op 'mooi'.)

De reis, het verblijf en de gemaakte wandelingen zijn behoorlijk geslaagd en naar wens verlopen. Er stonden wat slordigheden in de routebeschrijving zodat ik bijna dood bleef op de Crêt du Midi maar afgezien daarvan liep alles op rolletjes. Er waren drie Noordhollandse dames die dezelfde reis tezelfdertijd maakten als ik zodat we elkaar regelmatig voor de voeten liepen, doch niemand werd per ongeluk of met opzet door de ander een ravijn in gelazerd dus ook op dat front is niets dan gezelligheid te melden.
In Zwitserland gebeurt alles net voor of net na 'het seizoen', zo heb ik althans begrepen. Ideaal als je geen zin hebt in drukte, zoals ik.

Iets anders waar ik halverwege de verbleven week achterkwam, is dat ik niet tot zaterdag de 23e maar tot vrijdag de 22e in de vallei zou zijn. Ik loop best snel maar het is niet zo dat ik een dag voor op schema liep; nee, in de voorbereidingen had ik de eerste reisdag en de eerste verblijfsdag elk als 1 geteld, terwijl dat dezelfde dag was. Gelukkig stond de juiste datum op de treinkaartjes voor de terugreis, op alle 247.
Binnenkort zal op www.vakantie.lutek.nl/ een uitgebreid reisverslag staan.

lutek Zondag 24 Juni 2012 at 10:54 am | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Mannen van Oranje

Ik was uitgenodigd om in grootverband een voetbalwedstrijd te kijken en ik had toegezegd. Ik hou van voetbal ongeveer zo veel als ik van polio hou, maar omdat ik had toegezegd, wilde ik niet lullig doen. Nee, geen geouwehoer, neem een toeter mee, een gekke oranje hoed en een goed humeur. Soms moet je jezelf even op de achtergrond plaatsen, dat is helemaal niet erg. Dat kan zelfs verrijkend werken.
Op de heenweg op de fiets had ik de gekke oranje hoed nog niet op, ik ben niet helemaal achterlijk. Die zette ik pas op toen ik op de plaats van bestemming aankwam, een café op de grens van Rotterdam, en volgens mij was dat niet de enige grens waarop het café zich bevond. Binnen het gebouw zaten 100 voetbalfans klaar om zich over te geven aan de wedstrijd Nederland-Duitsland. Ik wilde aantonen dat ik echt wel 'gewoon leuk mee kon doen' onder welke extreme omstandigheden dan ook door naar binnen te stappen met die gekke hoed op mijn hoofd en een toet-toet-toeter aan mijn mond. Ik haalde nog even diep adem, telde tot 3 en ja hoor, ik gooide mijzelf in het feestgedruis. Wild toeterend liep ik naar binnen met de bedoeling mezelf in één keer compleet belachelijk te maken, zodat de toon direct zou zijn gezet, en mijn intentie voor de rest van de avond voor eenieder duidelijk was.

Wat volgde verbaasde mij. Er volgde namelijk niets. Geen enkele reactie. Van niemand. Nul. Nada. Rien du tout. Een paar hoofden draaiden even om, en weer terug. Dat was alles. Absoluut niemand vond het ook maar enigszins bevreemdend dat er een luid toeterende meneer binnen kwam lopen met een knaloranje hoed van een halve meter op zijn hoofd. Integendeel, het was de normaalste zaak van de wereld.
Jezus, waar was ik in terecht gekomen?
Teleurgesteld zette ik de hoed af en legde die op een plaats waarvan ik zeker wist dat niemand het artikel nog met mij in verband zou kunnen brengen als ik later op de avond het etablissement weer zou verlaten.
Na enig tactisch dralen (doen alsof je weet waar je heen loopt) zag ik gelukkig enkele bekende mensen. Nu heb je mensen die geen gezichten kunnen onthouden en mensen die geen namen kunnen onthouden, maar ik weet die beide kwaliteiten perfect in mijzelf te verenigen. Ook onthou ik niet dat ik dit al eens eerder, recentelijk nog, gezegd heb, waarvoor excuses. Echter, de mensen die mij hadden uitgenodigd (een bevriende, havengerelateerde firma) droegen allen een shirt met hun naam erop... maar dan wel op de rug. Zo kwam het dat ik diverse malen, wanneer ik met iemand in gesprek was, even wees op een vliegende olifant of een opgegeten boterham links of rechts van ons, om van de gelegenheid gebruik te maken snel de naam van die persoon te achterhalen.

Toen de wedstrijd begon was dat allemaal niet meer nodig. Je hoefde geen zinnige dingen meer te zeggen; oerkreten volstonden. Ik ben bang dat ik de doelpunten stuk voor stuk gemist heb omdat ik net een sigaretje aan het roken was op het belendende balkon of omdat ik net op het toilet zat, maar ik meende dat het Nederlandse elftal het onderspit dolf. Ja, dat wist ik wel zeker, getuige diverse onweersgezichten.
Maar niet alle gezichten stonden op onweer. Er was hoop. Er werd nog reuze gezellig gepraat en geborreld, het was een vrolijke boel. Ik kon zelfs iemand blij maken met de toeter, waarvan ik graag afstand deed. Uiteindelijk stond ik met Mevrouw S., die mij had uitgenodigd, de avond samen te vatten: het was een geslaagd feest geweest. Volgend jaar weer!, proostte ik, zonder in de gaten te hebben dat dit bepaalde voetbalevenement niet ieder jaar plaatsvind.
Met een lege tas fietste ik naar huis.

lutek Vrijdag 15 Juni 2012 at 11:46 am | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

De Doelen

'Zeg Mark', zei een vriend van Mark, toen we het over klassieke muziek hadden, 'je moet me echt eens naar Bach leren luisteren.'
Mark had een pasklaar antwoord: 'Je moet het gewoon aanzetten en je muil houden.'
Kijk, daar had je wat aan. Solide advies.
Ik dacht daaraan toen ik De Doelen in liep. Het was lang geleden dat ik naar een concert in De Doelen was geweest. Ik verheugde me erop. Edo de Waart dirigeerde deFilharmonie: Elgars celloconcert en Mahlers Eerste Symfonie.
Ook dacht ik eraan dat op datzelfde moment elders in Europa de aftrap werd gegeven van een 'belangrijke voetbalwedstrijd' (contradictio in terminus). Gelukkig was daar tijdens het concert niets van te merken. De zaal zat goed vol en er waren geen spreekkoren.
Zoals bekend is de binnenkant van de grote Zaal van De Doelen groter dan het hele gebouw zelf. Het leek bijna wel een stadion. Maar dan zonder doelen. Of die stonden zo ver weg dat ik ze niet zien kon vanaf de plaats waar ik zat.
De plaats waar ik zat was een mooie plaats en de akoestiek liet niets te wensen over. Of het moest zijn dat je niet alleen ieder geluid hoorde dat van het podium kwam maar ook ieder geluid dat in de zaal werd geproduceerd. Chipszakken in bioscoopzalen waren kinderspel bij de herrie die mijn buurmans neus maakte. Misschien dat hij het zelf ademen noemde, ik kon het niet anders dan als snuiven typeren. Mensen die hard - en dan bedoel ik echt hard - door hun neus ademen zijn zich daar over het algemeen niet van bewust. In de metro is zulks al irritant maar in De Doelen nog veel irritanter.

De wedstrijd ging beginnen. Elgar kon zelf niet aanwezig zijn deze avond maar hij had Paul Watkins gestuurd en nou zeg, die kon er ook wat van. Hij zaagde zijn cello bijkans doormidden.
Niet alleen meneer Watkins wist hoe je zagen moest, ook mijn buurman wist het: na een kwartiertje was hij in slaap gevallen en veranderde het gesnuif in gesnurk.
Ik besloot om straks in de rust een ander plekje te zoeken. 20 meter dichter bij het podium was een oase aan lege stoelen. Mooi.

Na de rust had men een geheel andere opstelling en spelverdeling. De aanval kwam nu meer vanuit het midden en ze speelden duidelijk niet op de counter, zoals in de eerste helft. Nee, het was minder Engels en meer Oostenrijks. De spanning zat er vanaf het begin goed in en de aanvoerder wist een paar mooie kansen te creeëren.
Toch had ik het idee dat er iets niet klopte. En inderdaad, na enige tijd viel het mij op dat niet de gehele blazerssectie beneden op het podium zat; er zat ook een blazer naast me. Nu ja, naast me, hij zat 5 stoelen van me verwijderd maar zijn ingebouwde neusfluit was tot ver in de omtrek te horen, het leek wel een vuvuzela. Deze meneer was nog erger dan de vorige.
Met bovenmenselijke kracht verzette ik mijn zinnen en verplichtte mijn aandacht zich te richten op het spel. Wat een beheersing. Wat een techniek. Zuiver en doelgericht. Het werd een glorieuze overwinning.
Ja, om van muziek te kunnen genieten moet je simpelweg 'gewoon je muil houden'. En hopen dat mensen in je omgeving hun neus houden.

lutek Maandag 11 Juni 2012 at 10:17 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: ,

Het Leven In Een Dag

Nietsvermoedend opstaan, niet denken aan de dingen die komen gaan, slechts denkend aan de dingen die je hebt gepland: Tenzij je je opsluit, onder de dekens kruipt, en geen mens (niet eens virtueel) tegemoetschouwd, pakt dat altijd anders uit. De dingen laten nu eenmaal niet met zich sollen en zich al helemaal niet in een plan smeden dat jij of iemand anders in zijn hoofd heeft gehaald. De dingen hebben wel iets beters te doen dan dat.

Vanmiddag zal ik de liefste mens op aarde zien; de liefste, met mogelijke uitzondering van zijn moeder. Maar er is nog het een en ander te doen voor het middag is.
Een kappersbeurt die niet langer hoeft te duren dan 5 minuten loopt met drie kwartier uit. Gelukkig heb ik een boek bij me. Ik lees over iemand die in de gevangenis zit. Wat is precies binnen en buiten? Ik ben vrij om me in de gevangenis van de kapsalon op te sluiten, waar de zieke spuitbusgeuren me bedwelmen. Iemand heeft bedacht dat de geur van haarlak lekker is en mensen zijn dat gaan geloven.
De geur van de haarlak weet ik pas 2 uur later uit te bannen door deze te verwisselen met de geur van De Zuiderparkdagen. Reeds van verre waaien snacks en suikerspinnen je tegemoet. Ook waaien je wat tentdoeken en een halve draaimolen tegemoet, er staat een behoorlijk briesje.

Hannie en Rik en ik maken een rondje tussen de rommel. Nee, niet alleen rommel. We kopen Riks eerste schoentjes. Die zijn vooralsnog 2 maten te groot, wat voor Rik inhoudt dat hij ze waarschijnlijk volgende maand al niet meer aankan.
Op de kinderboerderij maakt Rik voor het eerst kennis met enkele exemplaren van de echte bewoners van deze planeet: schapen, koeien, varkens, geitjes, eenden. Hij wil ze allemaal knuffelen. Hier en daar rent een kind gillend de modder in bij het aanschouwen van een beest. Maar als Rik in de buurt is zijn het de varkens en de geitjes die zich een veilig heenkomen zoeken. De beheerder is nog een uur bezig om de koeien weer uit de sloot te halen.
Een meneer verkleed als panda wordt (geheel terecht) hard in zijn enkel geknepen.
Kijk, Rik, een paard. Rik heeft meer interesse in het hekwerk. Met grote accuratesse weten we diverse dierengeluiden te immiteren. Aan de immitatie van het geluid van een hekwerk moet nog wat worden geschaafd.

Nederland hult en huilt zich later op de dag in rouw. Een nationaal evenement verloopt anders dan gepland. De dingen hebben wel iets beters te doen dan zich te laten plannen.
Ik eet wat, ik slaap wat, ik bekijk foto's en herbeleef de middag. Ik plan niets meer. Omdat ik niets plan, is het niet te zeggen dat een plotseling bezoek aan The Other Place niet in de planning zat. Plots bevind ik mij daar en zie Mark Lotterman met band een wereldconcert geven. Gegeven de minimale grootte van het podium en het maximale aantal mensen dat zich daarop bevindt, zou dit wel eens de grootste hoeveelheid prachtmuziek per vierkante meter kunnen zijn die ik dit jaar gezien heb. Je leest eigenlijk nooit een beoordeling gebaseerd op een dergelijke dichtheid. Een gat in de journalistieke/statistieke markt, mocht die bestaan.

De taxichauffeur geeft toe dat hij het nationaal verlies van eerder deze dag na ongeveer 5 seconden al verwerkt had. Ook hij heeft wel wat beters te doen. Bob Dylan is op de radio; hard en vals en met open raam zingen we mee.

lutek Zondag 10 Juni 2012 at 2:04 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , , , ,

Het Hof

Hannie wiedt onkruid. De tuin bijhouden is bijkans arbeidsintensiever dan Rik bijhouden. Bovendien groeit de tuin (althans het onkruid daarin) nog harder dan Rik. Rik maakt wel meer geluid dan de tuin, en dat is denk ik maar beter ook.
Maar wat is dat, de tuin maakt ook geluid! Oh nee, het is de buurman.
"Buurvouw, buurvrouw, bent u hoger opgeleid?"
Hannie's hoofd wordt zichtbaar boven het maaiveld. Dag buurman.
Het blijkt dat buurman taalkundige hulp nodig heeft bij het opstellen van een bedrijfsplan. Hannie neemt het graag voor hem door. Sommige stukken van de tekst zijn overduidelijk van internet gekopieerd. Niet best. Andere stukken zijn zo mogelijk nog overduidelijker niet van internet gekopieerd. Nog minder best.

Na een avondje is ze er mee klaar en komt buurman opnieuw op de koffie.
Hij bedankt Hannie en heeft een cadeautje meegenomen. Hij is vol bewondering. Hannie is zo hoger opgeleid. En Hannie is zo knap. En Hannie is zo onafhankelijk. En Hannie neemt geen blad voor de mond. Daar kunnen andere meisjes een voorbeeld aan nemen.
Nu ja, meisjes moeten wel eerlijk zijn maar weer niet té onafhankelijk, meent buurman. Het is onduidelijk of hier zijn cultuur of zijn leeftijd het woord voert.
Maar snel maakt hij weer complimenten: Hannie is zo mooi blond. En Hannie is zo verzorgd. Ook daar kunnen de meisjes die hij kent een voorbeeld aan nemen.
Buurman heeft geen vriendin meer maar zou graag opnieuw een meisje willen hebben, een toekomstige vrouw. Het leeftijdsverschil is niet eens zo'n bezwaar maar...  - hier hapert hij een seconde - ... "maar u bent zo láng!!"
Nee, het zal nooit iets worden tussen Hannie en haar buurman. Hoe kan hij nu ooit een meisje hebben dat langer is dat hij. Onmogelijk.

lutek Donderdag 07 Juni 2012 at 11:54 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

Mene Tekel

Juist besluit ik vandaag niet naar buiten gaan en zie, het begint te regenen. Verbaasd kijk ik naar de druppels op het balkon, koud nat op koud ijzer, en vraag mij af: Is dat wel de goede volgorde? Of heb ik teveel stripverhalen gelezen en slechte romantische films gezien?

Als een teken een teken is voor iets, dan is een teken dat altijd, niet alleen wanneer het zo uitkomt of wanneer het je toevallig opvalt. En als dat zo is, (dat een teken altijd een teken voor iets is,) dan moet er een causaal verband zijn, en is het geen teken.

Tekenen en symbolen vormen een onbetrouwbare aanleiding tot wereldlijke (of huiselijke) indeling, wanneer zij bevooroordeeld gehanteerd worden. En dat worden ze altijd.
Iemand die 60 keer per uur op zijn horloge kijkt, zal in een uur gemiddeld 1 keer de secondenwijzer precies op de 12 zien staan.
Die persoon kan dan roepen: "Dat is ook toevallig!"
Maar dat is het niet; het is hem de andere 59 keer niet opgevallen dat de secondenwijzer precies op 14 stond, of op 22, of op 43.

Een afbrokkelende rand is niet significant als teken, het geeft slechts aan dat je te zwaar getafeld hebt.

Het regent besluiten in willekeurige volgorde.
Maar als ik besluit dat ik niet naar buiten ga, is het niet te zeggen of ik niet buiten was voor of na de regen.

lutek Donderdag 07 Juni 2012 at 11:11 pm | | default | Geen reacties

Mijn Neus

De gedachte dat ik misschien ooit toen ik klein was een gummetje in mijn neus heb gestopt dat er nooit meer is uitgekomen, houdt me al bezig zolang ik me kan herinneren. Logischerwijs betekent dit dat, als dit in werkelijkheid gebeurd is, dit zou moeten zijn gebeurd vóór de tijd dat ik me kan herinneren dat het me bezighoudt. Anders zou ik het wel zeker weten.
Het kan zijn dat ik er aan begon te denken omdat ik een dergelijk verhaal eens had gehoord of gelezen, of misschien omdat er een ouder of leraar was die het me vertelde, als waarschuwing.
Of ik er daadwerkelijk angst voor heb gehad, kan ik mij niet herinneren maar het lijkt me van niet. Ik heb een levendig voorstellingsvermogen (of fantasie, zoals het ook wel genoemd wordt) wat in eventuele combinatie met dwanggedachten - als ik op de Euromast sta, vraag ik me altijd af wat er zou gebeuren als ik er van afspring (hoewel je na een aantal jaren niet meer kunt onderscheiden of de dwang zit in de gedachte aan het springen of de gedachte aan het denken aan het springen) - die in potentie kan leiden tot een niet wenselijke samenloop van omstandigheden, maar dat is iets anders dan er angst voor hebben, waarbij weer wel moet worden aangetekend dat angst vaak heviger is voor iets waarvan je niet weet of het bestaat dan voor iets waarvan je het wel weet.

Net als veel andere mensen ben ik niet geheel tevreden met mijn lichaam. Ik heb het niet over de uiterlijke aspecten, die wisselend belangrijk en onbelangrijk zijn (en naarmate de leeftijd vordert alleen maar onbelangrijker worden), maar over sommige lichaamsfuncties: het kniegewricht bij voorbeeld.
Maar, om niet te ver uit te weiden, vergeet dat kniegewricht; ik duik mijn neus in.
Al jaren heb ik last van mijn neus. Behalve dat ik er nauwelijks mee kan ruiken (waarschijnlijk doordat hij kurkdroog is), is het mij vooral een doorn in het oog dat hij altijd kriebelt. Met 'altijd' bedoel ik 24 uur per dag, onafgebroken, immer. Altijd dus.
De laatste maanden komt daar nog bij dat ik een permanente bloedneus heb, en dat het voelt alsof er een rijstkorrel in verstopt zit.
Mocht ik komen te overlijden, en de kans is groot dat dat een keer gebeurt, hoop ik dat iemand controleert of er inderdaad misschien een gummetje in is blijven zitten. Daar ben ik nu toch zó benieuwd naar.

lutek Donderdag 07 Juni 2012 at 10:38 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags:

FTW in Rotown

Karla de Zwerfster liep voorbij en had geen interesse in de band die optrad in Rotown. Hier en daar bietste ze een euro. Ze kreeg er zelfs een paar van een groepje mensen die haar een week eerder nog hadden nageroepen. Ze hadden misschien spijt, of waren beter bij kas, of waren in betere stemming door de muziek van vanavond.
Fuck The Writer trad op, ter gelegenheid van het uitbrengen van hun LP Δ. Wat een plaat. Ik had hem al gehoord, een maand eerder, en wist al dat het een topavond zou worden. Dat werd het ook.
Vooraf zat ik met twee andere fans een beetje te terraspopelen - hoe zeg je dat? - in prettig vooruitzicht te genieten van lente en bier; het concert lag nog 20 minuten in de toekomst. Ik ben een veteraan, realiseerde ik me, toen er monden openvielen bij mijn mededeling dat ik 'Ein Abend In Wien' had bijgewoond, 100 jaar geleden.
"Oh maar dan heb je Nirvana gezien, en Pearl Jam, en The Smashing Pumpkins!"
Nu ja... Nirvana had ik gemist, Pearl Jam was daar helemaal niet, en The Smashing Pumpkins heb ik wel tig keer gezien maar niet daar.
Het maakte niet uit, ik was daar bij geweest.
Ik bedacht dat het aardig, nee, meer dan aardig zou zijn als mensen over 20 jaar zeggen: "Jij hebt Fuck The Writer nog in Rotown gezien!"

Toen ik de LP kocht, schoot het me te binnen dat ik de laatste 30 platen na aankoop niet eens meer gedraaid heb. Bij sommige wist ik al voor aankoop dat ik die niet zou draaien. 'Support the artist, buy the record'.
Voor FTW maak ik nadrukkelijk een uitzondering. Wat een plaat.

lutek Donderdag 07 Juni 2012 at 10:12 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Een Huiselijk Geluid

przct... przct... przct...
Eén der dames moet haar ei kwijt. Of twee of drie eieren misschien. Instincten prikken naar een geschikte plek in de grond. Die is er niet, er is een glasplaat met wat aarde, kokos, hoe heet het. Daarom blijft ze prikken.
przct... przct... przct...
Misschien zoals een kat spint - prrrr... prrrr... prrrr...
Huiselijke geluiden.
Tien minuten geleden kwam ik thuis en sproeide de kooi goed nat. De beestjes hebben voldoende warmte en luchtvochtigheid nodig. Dan voelen ze zich op hun best.
Het zijn sterke beesten: als het te vochtig is overleven ze, als het te droog is overleven ze (maar niet te lang), als het te warm is, als het te koud is, als ze te veel eten hebben, of te weinig; ze overleven gemakkelijk. Maar het liefst in de fijnste omstandigheden natuurlijk.
Als die omstandigheden er zijn, zijn de dames eerder geneigd eieren te leggen, instinctievelijke vanzelfsprekendheid.
Vandaar nu: przct... przct... przct...

Ze probeert een ander plekje. Een plek die in elk geval aanvoelt of het ondergronds is. Ze prikt haar achterlijf onder een stuk klimwand. De legboor verdwijnt in de aarde, kokos, hoe heet het, onder het kurk, daar waar geen rovers bij kunnen komen. Er zijn hier geen rovers maar dat weet zij niet. Zij weet niet of ze in de jungle van Papoea Nieuw-Guinea is of in een flat 7 hoog in Rotterdam-Zuid.
Maar in de jungle van Papoea Nieuw-Guinea had het lang niet zo huiselijk geklonken.
przct... przct... przct...

lutek Woensdag 06 Juni 2012 at 6:20 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags:

Grote Prijs van Zuid-Holland

In de categorie singer/songwriter van de GPZH leek de winnaar nogal vanzelfsprekend The Yes Please te zijn, omdat dat de enige singer/songwriter was van de 6 finalisten. Maar na bijwoning laatst van de kwartfinale van de Grote Prijs van Nederland weet ik dat dingen meestal niet zo simpel zijn als ze lijken.
Ik heb de laatste tijd heel wat bandjes gezien en begin te geloven dat er iets te veel Codartsstudenten afstuderen; of überhaupt worden toegelaten. Nu is dat toelaten al 4 jaar geleden gebeurd en valt dus moeilijk terug te draaien. Maar om nu iedereen maar een plek op een podium te geven.
En als het dan nog zo was dat de Grote Prijs als filter dient om het grof vuil er uit te vissen, maar nee, De Here God zelf kan nog een puntje zuigen aan de ondoorgrondelijkheid der wegen der juryleden van de Grote Prijs.

Ik liep Rotown binnen en zag juist de presentator het podium bespringen, mooie timing.
"Gezellig dat jullie er allemaal zijn. De bar blijft open maar denk eraan dat de muziek soms wat rustig is dus ga nu niet de hele tijd cappuccino's bestellen."
De eerste band begon. Nog tijdens het intro werd de eerste cappuccino reeds besteld. En de tweede.
De muziek was "iets in de traditie van CSN&Y". Die aankondiging deed me er aan denken dat ik thuis nog een hoop platen had uit te zoeken om naar de tweedehandswinkel te brengen.
Naarmate de avond vorderde werd het duidelijker en duidelijker dat The Yes Please wel moest winnen. Van enige concurrentie was geen sprake. Maar met de wet van de omgekeerde zeggingskracht in het achterhoofd, besloot ik brutaalweg een andere inzending te supporten, The Candides. Gewoon omdat ze vreselijk goed zijn en omdat je al op een kilometer van te voren ziet aankomen dat de jury daar niks mee kan.
Een jury zoekt naar acteurs die het acteervak verstaan, niet naar acteurs waarvan je vergeet dat ze acteren. Marlon Brando zou niet eens door de voorronden zijn gekomen.
Maar als je je hoofd nu zó houdt, en daar en daar een betekenisvolle stilte in acht neemt, en dit of dat nummer als uitsmijter gebruikt, ja, dan snapt de jury dat je een echte singer/songwriter bent (ook al sta je met een hele band op het podium), want dat hebben ze zo ook op televisie gezien.

Maar goed, al met al moet ik toegeven dat er toch ook wel erg veel moois gemaakt wordt. Dat zeg ik louter en alleen omdat ik heb ontdekt dat zo'n beetje alle bandjes elkaar kennen en er ongelofelijk veel muzikanten in drie, vier, vijf bands tegelijk spelen. Voor je het weet heb je iemand beledigd. Laatst zei ik nog dat de zanger van een band leuke schoenen droeg (omdat er zich geen enkele andere noemenswaardigheid op het podium afspeelde) en prompt hoor ik deze avond iemand letterlijk diezelfde zin tegen The Yes Please zeggen. Hij heet trouwens gewoon Rob, maar dat terzijde.

Een paar bandjes verder stond er een dame op het podium die helegaar geen microfoon nodig had. Wat een volume. Jammer dat het, alweer, geen singer/songwriter was maar een bandje. De dame had er zin in. Ze vroeg of er jazzliefhebbers in de zaal waren, want dan was het volgende nummer voor hen.
Eddy N., die naast me stond, merkte op dat hij geen samba hoorde maar een bossanova, wat dus nooit jazz kon zijn (als ik hem goed begrepen heb). Ik heb daar zelf helemaal geen verstand van. Wat mij dan weer opviel was dat de dame een overdaad liet horen aan pa-ti-ta-tata-toe-ta's en bi-ba-baba-doe-da's en nog zo het een en ander. Nu mag de muziek desnoods heavy metal van de ruigste soort zijn, als iemand er overheen knalt met een paar goedgeplaatste pa-ti-ta-tata-toe-ta's en bi-ba-baba-doe-da's, dan is het voor mij jazz. Ik ging even een rondje lopen.

Behalve de juryprijs was er ook een publieksprijs te winnen. Ah, hier kwam mijn bestaansrecht om de hoek kijken. Die prijs werd namelijk vergeven aan de artiest waarvoor het publiek de decibelmeter het verst deed uitslaan. Ik schuifelde naar het podium om zo dicht mogelijk bij de klap-o-meter in de buurt te geraken.
Wat mensen die veel decibellen willen maken doorgaans doen is hard en hoog gillen. Iets wat behalve zeer irritant ook nog eens niet erg functioneel is. Je kunt beter een octaafje of twee lager gaan zitten. Iets met luchttrillingen geloof ik. En dus zette ik zwaar in op The Yes Please.
Tot mijn eigen stomme verbazing bleek mijn theorie (die ik eigenlijk achteraf pas heb verzonnen) te kloppen omdat ik van diverse mensen hoorde dat het volume bij The Yes Please lang zo hard niet was als bij de anderen. Helaas ben ik wel mijn stem een volle 24 uur kwijt geweest maar ik heb Rob blij gemaakt met 125 euro. Koop er wat moois voor, Rob.

lutek Maandag 04 Juni 2012 at 11:02 pm | | default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Organo Gold

Ook al had ik op de middelbare school een 10 voor wiskunde op mijn eindexamen, ik was niet in staat om te zeggen waar de schoen precies wrong toen ik het schema onder ogen kreeg dat het partnerschap representeerde van de organisatie van Organo Gold Coffee. De oneindig vele variabelen deden me duizelen. Maar dát de schoen ergens wrong voelde ik aan mijn water. Of nee, aan mijn koffie, want er werd natuurlijk koffie geschonken tijdens de presentatie.
Koffie! Dat drinken de mensen altijd. Miljoenen kopjes per dag.
Ik moest denken aan Willem Elsschot. "Kaas! Kaas marcheert altijd. Want de mensen moeten toch eten."
Als me was gevraagd: "Wil je meedoen aan een pyramidespel dat geen pyramidespel is, maar wat er precies op lijkt?", had ik direct nee gezegd. Nu zei ik pas nee na een presentatie van twee en een half uur. Maar goed, ik heb nu wel eens zo'n presentatie meegemaakt. Dat kan niemand me meer afnemen.

Er is een koffie op de markt gebracht die niet op de markt is. Het gaat de maker namelijk niet om de koffie. De koffie is bijzaak. Het gaat om de vermeende woekerwinsten die gemaakt kunnen worden wanneer je jezelf inkoopt in het bedrijf om vervolgens weer andere medewerkers te werven. De werving, dat is waar alles om draait.
U had ook stoelen kunnen verkopen, zei ik, en dat werd beaamd. Sterker nog, het is niet eens de bedoeling dat je de koffie verkoopt, zolang je het zelf maar afneemt.
Het is trouwens maar goed dat het niet om de koffie gaat, want het reclamefilmpje voorafgaand aan de financiële presentatie was zo tenenkrommend slecht dat ik halverwege mijn mok besloot de andere helft in de dichtstbijzijnde plantenbak te kieperen.

De presentatrice verwelkomde mij en een half dozijn andere volstrekt onvoorbereide toehoorders zeer hartelijk. Ze begon een praatje over multi-level marketing. Nadat ze het woord 10 keer had genoemd, vroeg ze of er mensen waren die niet wisten wat multi-level marketing was. Niemand wist wat het was.
Zonder uitleg te geven ging ze door met haar verhaal. Misschien wilde ze helemaal niet dat we het zouden begrijpen.
Maar de sfeer zat er goed in en reeds na een uur werd het langzaam duidelijk waarvoor wij naar de presentatie gelokt waren. Ik waagde het om een vergelijking te maken tussen multi-level marketing en het welbekende pyramidespel. De sfeer bekoelde vrijwel onmiddellijk.
Het bleek dat er geen presentatie voorbij gaat zonder dat er iemand een vergelijking maakt met het pyramidespel. De presentatrice was daar niet blij mee. Ze had echter tal van tegenargumenten. Ze zei dat een pyramidespel illegaal is, en mult-level marketing niet. En ook zei ze dat je het getoonde schema "niet per se in een pyramide- maar net zo goed in een cirkelvorm kon tekenen".
Tegen zulke briljante argumenten konden wij niets inbrengen.

Terug naar de koffie dan maar. Misschien was er op dat gebied nog enige eer te behalen. Gewone koffie, zo leerden wij, is ongezond omdat er "waterextracten" inzitten. Hoewel ik mijn scheikundeboek thuis had laten liggen, had ik sterk de indruk dat een waterextract de gezondheid niet noodzakelijkerwijs ernstige schade hoeft te berokkenen, maar ik besloot hier niet op in te gaan. Eigenlijk had ik al besloten helemaal nergens meer op in te gaan, al was het alleen maar om de presentatie niet nodeloos te vertragen.
Plotseling hoorden we een enorme knal in de gang. Gescheld en gevloek, iemand werd van de trap afgeduwd, zo leek het wel. We dachten in eerste instantie aan een ontevreden klant die verhaal kwam halen maar het geluid kwam uit de gang van de buren. Er bestaan overigens per definitie geen ontevreden klanten van Organo Gold, want op het moment dat je toehapt ben je geen klant meer maar verkoper. Uiteraard verlies je op dat moment elke objectiviteit die je nog gehad zou kunnen hebben, en ga je je gedragen alsof je bij een secte hoort.

De presentatrice ging nog even verder met het beloven van gouden bergen en ze liet ons een foto zien van ene Holton Buggs. Meneer Buggs is iemand die op een gouden berg zit. De presentatrice keek vertederd naar zijn portret. Zo'n lieve man.
Ze vertelde er niet bij dat meneer Buggs elke paar jaar een nieuw multi-levelmarketingbedrijf opzet, nadat hij eerst de stekker uit het oude bedrijf heeft getrokken. Ze vertelde er ook niet bij dat de constructie van al deze bedrijven zodanig is dat als meneer Buggs er de stekker uittrekt, er in 1 klap honderdduizenden mensen worden gedupeerd. Volgens haar kon iedereen bereiken wat hij had bereikt. Maar "je moet er echt keihard voor werken om slapend rijk te kunnen worden". Dat dan weer wel.

lutek Zondag 03 Juni 2012 at 2:49 pm | | default | Zes reacties
Gebruikte Tags: