Eitje Tik

Als je niet weet hoe je moet beginnen te schrijven, dan is daar altijd een oplossing voor. Je schrijft een willekeurige regel. Grote kans dat die eerste regel niet is wat je precies bedoelde. Geen probleem, daar is dan de tweede regel voor. Kijk, die is al een stuk beter. Maar waar wil je heen? Oja... nou... dat zet je in de derde regel. Het begint al ergens op te lijken. Als je zo ver bent, is het moment ongeveer daar om de eerste regel weg te gooien, het stukje kan er alleen maar beter op worden. Je zit inmiddels in je verhaal en je bent vergeten dat je net zo'n moeite had om die eerste regel neer te pennen. Voila, het stukje is al bijna af.

Ik had grote moeite vandaag om te beginnen met schrijven. Wist geen eerste regel. En ik moet nota bene nog stukjes schrijven van meer dan een week geleden, over hoe ik een cadeautje ging kopen op Zuidplein, hoe ik Sinterkerst vierde bij Miss C., over onverwachte muziek in ster-commercials, over het concert van Claw Boys Claw. Maar ik stel het steeds allemaal uit. Dat komt omdat ik ook nog maar op 1/3 ben van mijn Nepal-verslag dat ik dit jaar nog op internet wil zetten. Schiet toch eens op!

Maar die eerste regel wilde maar niet lukken. Ik zat maar naar het scherm te kijken en te ... te niksen, te niks te doen. Te staren, te mijmeren, te dromen. Ik was er niet helemaal bij. (...als ik andere schoenen had aangehad, hoe zou het dan gelopen zijn...)
6 of 7 jaar geleden kreeg ik eens van een onbekende meneer een beuk op mijn neus. Napão. Zo klonk het ongeveer. (De Portugezen onder u zullen de woordspeling begrijpen.) Ik had een week lang een bril, gelijkelijk over linker- en rechteroog verspreid. Nu had ik van mijn leven nog nooit iemand geslagen, maar had het graag terug willen doen, ware het niet dat de onbekende meneer al weg was voordat ik weer bij was. En ware het niet dat ik nog geen deuk in een natte krant sloeg. En ware het niet dat ik geen flauw idee had hoe je eigenlijk moet vechten. En ware het niet dat ik van te voren al kan voorspellen dat ik me daarna schuldig zou voelen. En ware het niet dat die ander nooit alleen is. Vooral dat laatste is echt typisch.

Sinds een jaar geleden kijk ik met veel plezier naar de UFC, the Ultimate Fighting Championships. Er is in de ring (beter: de octagon) erg veel toegestaan, maar er zijn strenge en zeer duidelijke regels over wat niet is toegestaan. Dit maakt het een buitengewoon fascinerende sport. Vechters met veelal een verschillende achtergrond treffen elkaar (jiu-jitsu, worstelen, boksen, kickboksen, maui tai, etc.). Het zal duidelijk zijn dat een all-round vechter meer winstkans heeft. En dat het belangrijk is om, als je een bepaalde discipline minder goed beheerst, je toch in ieder geval weet hoe je je in die discipline moet verdedigen, zodat je tegenstander je niet zal verrassen.
Kijken naar de sport heeft me niet agressiever gemaakt, en het heeft me nooit aangetrokken het ook daadwerkelijk te beoefenen. Maar ik heb er wel veel van geleerd. Dat zorgde er dan toch in ieder geval maar voor dat ik gisteren niet werd geschopt of geslagen, ik wist me perfect te verdedigen. Bedankt UFC !
Echter... die schoenen waarmee ik in Albert Heyn ook altijd op uitglij, speelden me nu ook parten. Flops, en daar lag ik. Eitje tik. Hoofd open, elleboog open, (jas als door een mirakel onbeschadigd). Ik was een makkelijke prooi. Ja goed, wie zegt dan ook tegen een onbekende meneer dat hij zijn vriendin toch niet luidkeels voor kankerhoer uitmaakt? (40x)
Nadat ik me gewonnen had gegeven, moest zeggen dat hij gelijk had in wat hij ook zei, dat hij sterker was dan ik, dat hij knapper was dan ik, dat hij van mijn part een mooiere sportauto had dan ik, dat hij.... afijn ik beweerde alles wat ik maar kon verzinnen. Toen mocht ik opkrabbelen. Schudde hem zelfs de hand en feliciteerde hem met de overwinning. Zijn vriendin was er inmiddels bij komen staan en vertrouwde me bijzonder begripvol toe dat ik me godverdomme met mijn eigen tyfuszaken moest bemoeien, klootzak.
Een hart onder de riem was net wat ik nodig had.

In Turks café Lara werd ik liefdevol verzorgd, gewassen en opgekalefaterd. Moest ik echt niet naar het ziekenhuis? Nee, dat hoefde niet. Ik kreeg een glas van het huis en mocht even op adem komen. De eigenaar sprak bemoedigende woorden. De gastvrijheid was me zeer welkom. Reeds vervaagde de nare gebeurtenis. Sommige seconden lijken heel lang te duren, andere lijken voorbij gevlogen. Hoe zat het met die schoenen? En waar heb ik me nu precies aan gestoten?
Ik besloot verder niet naar huis te lopen, maar een taxi te nemen. De chauffeur zei dat hij ook nog nooit van zijn leven iemand had geslagen of geschopt. Ik ook niet, het was er weer niet van gekomen. Ik had het waarschijnlijk wel gedaan, als ik de kans had gehad. Maar dat weet ik niet zeker. Ik moet maar afwachten tot de volgende keer, wat hopelijk weer een paar jaar duurt.
Maar goed, ik had verder wel een leuke avond gehad, ik had Claw Boys Claw gezien, en geanimeerd gesproken met mevrouw L, die weer een vriendin is van Miss C. Ik had gelachen in De Ridder, ik had gelachen in Murphy's. Ik wilde nadere uitleg geven aan de taxichauffeur, die niet helemaal meer begreep over wie en waar ik het had, maar daar kwam Huis al in beeld.

Ik wil iedereen bedanken voor deze enerverende avond. CBC voor het concert. Mevrouw L. voor het gezelschap. De eigenaar van Lara voor zijn barmhartigheid. En natuurlijk de onbekende meneer voor de wetenschap dat ik me nu inderdaad buitengewoon goed kan verdedigen.
Maar ik trek volgende keer wel andere schoenen aan.


(foto gemaakt gisterenavond tussen De Ridder en Murphy's)




lutek Maandag 22 December 2008 at 01:17 am | | default
Gebruikte Tags: , , ,

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.