Ga Er Eens Uit

In de metro zat ik weg te dromen, ik keek uit het raam en zag helemaal niets. De metro reed een tunnel in en ik zag nog steeds niks. Ik zag de prachtigste gedachten. Wat zou er buiten mooier moeten zijn dan binnen?
Een paar meter verderop zat een meneer, een meneer die altijd plaats had in de metro. Hij zat in een rolstoel, zo eentje die mijn moeder nog eens op een verjaardag per ongeluk een 'electrische stoel' had genoemd. De avond kon daarna niet meer stuk.
De metro remde af voor het volgende station, de man strekte zijn arm uit naar de knop op de deur, maar om die aan te raken kwam hij een goeie 60 centimeter arm te kort.
"Zal ik u helpen met de deur?", vroeg ik hem.
"Nee nee, ik probeer maar even. Ik moet er op Blaak uit."
Ik knikte
"Vroeger zat er een knop hier", en hij wees naar iets wat ik niet kon zien.


Ik stelde mij voor hoe hij een uitstapje maakte. "Ik maak even een ommetje, hoor", zei hij dan tegen niemand in het bijzonder, omdat hij thuis niemand meer had, "Ik ben om 4 uur wel weer terug, denk ik. In ieder geval voor het eten." (Wat hij zelf nog zou moeten klaarmaken.)
Op Capelle rolde hij naar binnen. De deuren van de metro staan altijd open op een begin- of eindpunt. Er stapten wat mensen in bij de volgende paar haltes. Het werd drukker en drukker. Hij voelde zich in de weg zitten, hoewel dat niet nodig was. Iedereen begreep zijn positie, en bovendien nam hij geen metrostoel in beslag.
Hij zou uit kunnen stappen bij Station Beurs, maar ja, hij zat net, en eigenlijk was Beurs ook wel erg druk op een zaterdag. Hij bleef nog even zitten. Hij maakte een praatje met deze of gene.
"Vroeger hadden ze ook een knop hier", en hij wees iets aan wat niemand precies zag. Eens kijken, waar zou hij nu heengaan? Hij zat in de metro naar Spijkenisse. Spijkenisse, ook leuk, daar was hij al een tijdje niet geweest. Maar hij wilde liever naar Schiedam, gezellig even bij een vriendin langs, onverwachts. Bij welke halte was hij nu? Oh, hij was er al bijna. Eens kijken, hij moest er bij de volgende uit. Hè, vervelend, nu zat er juist niemand in de buurt.


De metro stopte. Schiedam Centrum, Schiedam Centrum. De deuren bleven dicht. Er stond ook niemand op het perron die de deur van buitenaf open kon doen. Hij strekte zijn arm maar kwam een goeie 60 cm te kort. Hij draaide zijn wagentje, naar achter, naar links, dan vooruit naar rechts, dan weer naar achteren. De metro zette zich al in beweging. Snel zette hij zijn wagentje op de rem.
Bij de volgende halte stond hij vreselijk in de weg voor de deur en werd uitgekafferd door een mevrouw met een boodschappentas. Hij stamelde iets en wees naar en plek waar niemand iets zag. Enige tijd later arriveerde hij in Spijkenisse Centrum. Hij stond nog steeds gedraaid en kon met enige moeite de knop aanraken. De deur ging open. Snel haalde hij zijn wagentje van de rem, draaide naar rechts, dan recht naar achteren, dan volle kracht.... Te laat, de deuren gingen alweer dicht. Nu stond hij met zijn rug naar de deuren. Of zou op Station De Akkers het perron juist aan de andere kant zijn? Dat had je soms met van die laatste haltes. Bij andere haltes trouwens ook. Hij wist het niet.
Bij De Akkers gingen de deuren automatisch open en kon hij de metro verlaten. Daar stond hij nu, of zat hij, beter gezegd. Hij wist niet zo goed wat hij hier moest doen. Hij kon de lift nemen en boven even rondkijken, maar hij kende hier de weg niet, wist hij. Bovendien moest hij dan die rare chipknipstrippenkaart piepen, dat kostte weer geld. En het was nu veel later dan zijn bedoeling was geweest. Nee, hij kon beter zo de volgende metro terug nemen, voor de zekerheid, dan was hij ook weer op tijd thuis voor het eten. Ja, dat zou hij doen.


De volgende metro kwam aan, deed zijn deuren open en hij rolde naar binnen. Bij Beurs stapte een bekende van hem de metro in. "Hey hallo, je bent ook even de stad in geweest, zie ik."
"Ja, ik dacht, laat ik er vandaag maar eens even lekker op uit gaan, het is mooi weer. Haha. Jaaa..."
"Ja, je moet wat, anders zit je maar achter de geraniums. Dat willen we niet hè. Toch fijn dat je nog zo mobiel bent, ondanks alles."
"Ja, we mogen niet klagen. Haha. Jaaa......"
Hij zweeg en bestudeerde de overzichtskaart van de metrostations. "Vroeger had je zo'n knop hier waarmee..." De ander was een stukje verderop gaan zitten, buiten gehoorsafstand.
Hij wees ergens vaag naar een plek waar niemand iets zag.
Voor het eten was hij weer thuis. Mooi op tijd rolde hij op Capelle aan den Ijssel de metro uit, waar de deuren altijd allemaal vanzelf opengaan.

lutek Woensdag 18 November 2009 at 9:55 pm | | default
Gebruikte Tags:

Eén reactie

Bas
Mooi verhaal, bravo, word er wel een beetje melancholiek van maar wel mooi geschreven. Deze mag in de bundel.
Bas, (E-mail ) (URL) - 24-11-’09 17:25
(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.