De Verhuizende Tak

Het hing al weken in de lucht. Het gonsde van de geruchten. Baasje heeft genoeg van ons. Baasje wil ons kwijt.
Ik stelde de takjes gerust. Nee nee, ik wil jullie niet kwijt, niet allemaal. Maar jullie gaan maar niet dood, ik zorg te goed voor jullie, en nu zijn jullie met te veel.
De takjes luisterden aandachtig en knikten ten teken dat ze het begrepen. Nu zijn ze nog klein, maar als 20 kleine takjes groot worden is een kooi van 120x40x60 toch een beetje benauwd. Voor het gemak verzweeg ik maar dat ik ook geen zin heb om om de haverklap naar het park te gaan om voedsel te halen voor die veelvraten.
Het gevolg laat zich raden. De takjes blonken ineens uit in mooi zitten, pootjes geven, kopjes geven, et cetera. Als ik me voor de tv hardop afvroeg of het wielrennen al begonnen was, zaten ze al op de afstandbediening om het juiste kanaal op te zoeken. Diverse malen bleek de afwas al gedaan te zijn, en op zondagochtend brachten ze koffie op bed. Ideaal. Maar ik was onverbiddelijk, er moesten enkele takjes verhuizen.

Zou de diergaarde interesse hebben? Nee, dat hadden ze niet. Ik kreeg ten minste geen reactie op mijn aanbod. De reptielen-en-aanverwanten-winkel dan, ja die had er wel oren naar. Mooi. Ik zou binnenkort langskomen, maak alvast een kooi in orde.
Hoe bepaal je welke tak weg moet en welke mag blijven? Lastig. Er waren 2 kneusjes bij: eentje met een gedraaide staart, en eentje met slechts vijf en een kwart poot. Bij allebei zal dat het gevolg zijn geweest van een niet vlekkeloos verlopen vervelling. Die 2 mochten in elk geval blijven.
Het liefst zou ik zelf zoveel mogelijk vrouwtjes houden. Bij een aantal kon het geslacht al worden vastgesteld. Maar ik zou de dierenwinkel moeilijk met alleen maar mannetjes kunnen opzadelen. Die zouden elkaar de tent uitvechten als ze eenmaal volwassen zijn. Geen goed idee. Eerlijk verdelen dan maar.

De takjes lieten zich vrij makkelijk meelokken met behulp van een druivenblad en een braamtak. Als ze maar te vreten kunnen krijgen. Als een Takkenvanger van Hamelen lokte ik ze mee naar de dierenwinkel. De eigenaar was in zijn nopjes. Fraaie beesten. Ik had juist die dag nogal haast en maakte me al snel uit de voeten. Bij thuiskomst bedacht ik dat ik niets over de verzorging had verteld. Een paar dagen later was ik er weer in de buurt en nam ik een kijkje, dit tot grote hilariteit van 'de winkel'. ('De Winkel' is: de eigenaar en drie, vier, vijf man die daar ook altijd zitten, als ware die plek een soort tweede huis voor hen, wie weet zelfs eerste huis.) Ze moesten lachen om mijn bezorgdheid, die inderdaad volledig onterecht was. De takjes hadden een prachtkooi gekregen, met licht en donker, met grond en water, met voedsel en klautermogelijkheden. Ik hoefde me geen zorgen te maken. Ik hield mijn neus tegen het glas om te kijken waar ze zich precies hadden verstopt. Daar kwamen ze al tevoorschijn. We zitten hier goed, baasje. Ze zwaaiden en gaven me een knipoog.

lutek Zaterdag 28 Mei 2011 at 4:26 pm | | default
Gebruikte Tags: , ,

Eén reactie

lutek
Ik vergeet de onderschriften:
1-de vervellende tak
2-het wandelende stapelbed
lutek, - 28-05-’11 16:51
(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.