Balkonbezoek

Op een dag dat ik me niet alleen voorgenomen had een keur van huishoudelijke bezigheden te verrichten maar er ook daadwerkelijk al een begin mee had gemaakt, werd ik halverwege de ochtend - goed, goed, aangezien ik niet om 6 uur was opgestaan, beschouwde ik 11 uur als halverwege de ochtend - opgeschrikt door een geluid dat niet van het balkon vandaan kwam. Het klonk als regen maar het kwam uit de keuken. Het waren de knakworstjes die aan de kook waren geraakt. Snel goot ik ze af en ging ontbijten.
Maar aangezien ik tijdens dit proces een blik op het balkon had geworpen ter verifiëring van de vermeende regen, was mijn oog gevallen op een beest dat de aandacht trok ook al maakte het geen geluid. Het was een duif. Ik maakte mij groot en liep naar het raam. De duif vloog echter niet direct geschrokken weg, zoals duiven gewoon zijn te doen wanneer ik mij op een dergelijke manier aanstel. Ik verorberde dan eerst mijn ontbijt maar en deed daarna een tweede verjaagpoging, op het balkon zelf. Nóg bleef de duif zitten. Wat een durfal. Ik pakte een borstel en ging hem - ksst ksst - te lijf, maar hij wist van geen wijken. Zulke brutaliteit had ik niet eerder medegemaakt.

Toen bemerkte ik dat ik de reden van zijn hardnekkigheid niet moest zoeken in zijn vermogen tot durf maar in zijn onvermogen tot vliegen. Het beestje leek vleugellam en ietwat mismaakt. Wellicht was het tijd om voor God te spelen, of beter gezegd, om voor mens te spelen. Ik overwoog de scherpte van mijn doortastendheid in combinatie met die van de messenset, maar meende dat die laatste het slagen van de onderneming geen goed zou doen. Per lezerstip nam ik contact op met vogelverlosser Hagel Schot, correctie: Karel Schot, een opvang op aan te fietsen afstand.
Mijn huishoudelijk programma kwam door al deze ontwikkelingen wel hopeloos in de knoei. Ik besloot enkele zaken te combineren. Ik wilde namelijk ook nog naar de kapper, en moest nog tegellijm halen bij de mozaïekwinkel. Ik onderzocht waar de kladden van de duif precies zaten en vatte hem daarbij. Zo, nu snel naar de kapper, hopelijk was er geen wachtrij.

Die was er wel. Terwijl ik wat in de verjaarde vergeelde lectuur bladerde, hield ik de duif uit het zicht van de andere aanwezigen en neuriede hard met de radio mee om de aandacht af te leiden van wat zich afspeelde in de tas op de stoel naast mij. Eindelijk was ik aan de beurt. Ik nam de tas mee op schoot onder het kapperslaken. Hier zat hij in elk geval uit het zicht van andere mensen. Ik had er niet bij stilgestaan dat ik mijzelf nu ook het zicht, en toezicht, op hem had ontnomen. Na enige tijd wist hij zich te bevrijden en ging rondkruipen. Ik hield de punten van het laken strak tegen mijn lichaam. Toch meende ik in de spiegel te zien dat de kapper opvallende interesse had in het geheel van onalledaagse gebeurtenissen in zijn haarwinkel. Maar hij zag waar ik mijn beide armen hield dus concludeerde hij dat ik niets onbetamelijks aan het doen was en zei er dan maar niets over. Toen hij was uitgeknipt en even omkeek, deed ik snel de duif weer in de tas.

In de mozaïekwinkel van mevrouw Melanie Kutzke was ik snel klaar met de aankoop die ik nodig had. Maar altijd als ik daar ben, zie ik dingen die ik eigenlijk niet nodig heb, wat de winkelduur doet vervoudigen. Doorzichtige steentjes? Ook mooi. Ik bedacht hoe ik die precies in een volgend werk zou kunnen inpassen. Naast mij hoorde ik iemand in de bakjes met blauwe dopjes en nopjes graaien. Die koop ik zelf bijna nooit. Ik hou er van mijn eigen stukjes te knippen en slechts een minimum aan voorgevormde hulpmiddelen te gebruiken. Opeens zag ik wie daar zo wild in de blauwe nopjes en dopjes aan het graaien was. Het was de duif! Verdomme, weer ontsnapt. Jij bent ziek en oud en je kunt niet meer vliegen, zei ik nog tegen hem, maar hij wilde niet luisteren. Snel rekende ik af en sprong weer op de fiets.
Eindelijk bij meneer Schot aangekomen, gaf ik het beestje uit handen. Tot mijn verrassing bleek het geen oude verzwakte dakduif met veeruitval te zijn, doch een jonge houtduif die nog in de groei was en het vliegen nog moest leren. Had ik dat geweten, had ik hem gewoon in het park uit kunnen zetten.
Het beestje zou verzorgd worden en met soortgenoten samenhokken tot het was aangesterkt. Mocht ik over een maand weer een duif op het balkon zien, ga ik er van uit dat het deze is.

lutek Zaterdag 28 Juli 2012 at 3:10 pm | | default
Gebruikte Tags: , , , ,

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.