Rik Op Reis (met Hannie en Ome Lutek)

Deel 1 (7 juni 2013)

Gestommel op de trap. Daar is Mama. Maar wat is het nog donker. Wat is er aan de hand? Eerder deze week gebeurden er al vreemde dingen. Het hele huis werd overhoop gehaald en Mama was het ene moment zenuwachtig en het andere moment weer opgetogen. Ze riep 'Ik hoop dat ik niets vergeten ben'. Als ze het heeft over die berg spullen in de huiskamer die zich gestaag een weg naar het plafond baant, denk ik dat het uitgesloten is dat ze iets vergeten is. Er liggen nu meer spullen in de huiskamer dan in de rest van het huis. Zouden we gaan verhuizen?
Maar wat is dat, de huiskamer is nu opeens leeg. Het klinkt bijna hol. Dan wordt me duidelijk wat er met de spullen is gebeurd. Ze zijn in de auto gepropt, een iets grotere dan anders, en ik word er tussen gezet. Mijn hoofd steekt er nog net bovenuit. Op de stoelen voor me zie ik nog twee hoofden boven de spullen uitsteken, die van Mama en van Ome Lutek. Ook goedemorgen, al is het nog lang geen ochtend.

We rijden uren en uren. Af en toe mag ik spelen langs de weg. Vooral de glijbanen hebben mijn interesse. Uit het raam zie ik heuvels en zelfs bergen waarvan ik het bestaan niet wist. Dat komt omdat ik überhaupt nog niet wist dat er bergen bestonden. Als we tenslotte eindelijk ergens stoppen, versta ik niets van wat de mensen zeggen. 'Bonjour' vang ik op, wat zou dat betekenen?
Mama en Ome Lutek zetten de auto op een stuk grasveld, doen met gepaste voorzichtigheid de kofferbak open, en springen tijdig weg om niet onder de spullen te worden bedolven. In elk geval is de auto zowat in één keer leeg. Mij zetten ze in mijn stoel en zij gaan een tent opzetten. Ik geef aanwijzingen die ze in de wind slaan. Kijk daar, die draad, die moet onder het doek, naast de stang, in het gat, en dan pas... Och laat ook maar. Het is in elk geval hoogst vermakelijk. Als de zon bijna achter de bergen is, staat de tent. Nee wacht, dat zijn de bergen niet, dat is de tent zelf. Allemachtig, het lijkt meer op een bouncy castle dan op een tent. Wat een gevaarte. Mama veegt zich het zweet van het voorhoofd en kondigt aan dat de eventuele plannen gewijzigd zijn: we blijven hier minimaal zeven dagen. Ome Lutek stemt hier volledig mee in, laat hij weten, terwijl hij moeilijk kijkt en zijn rug masseert.

Tijdens het eten hanteer ik zelf de lepel zodat er meer soep op mijn buik dan in mijn buik terechtkomt. Dat mag thuis niet, hier wel, het lijkt wel vakantie. Pitsie patsie pantsie, wij gaan met vakantie, ditsie datsie demping, wij gaan naar de camping.
Wij lopen een klein rondje om de camping (Le Pré Bas, Murol, Puy-de-Dôme). Ik neem de tijd om aan mijn steentjes- en takjesverzameling te werken. Er ligt hier veel moois. Bij terugkomst hebben de musjes alle rommel opgeruimd. Handige beestjes zijn dat. Maar nu wegwezen allemaal want ik moet slapen. Nog eventjes huilen. Niet te lang want ik ben al veel te moe.

lutek Zondag 23 Juni 2013 at 8:52 pm | | default
Gebruikte Tags: , , , ,

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.