Grienden

Ben je vogels aan het fotograferen?, vraagt een wandelaar.
De rietgors die ik voor de lens heb, maakt zich uit de vleugels. Ik weet niet of ik ja of nee moet antwoorden. Zonder zijn vraag zou het antwoord ja geweest zijn.
Maar ik weet het, het ligt aan mezelf, net als vorige week: ik had hier 3 uur eerder moeten zijn maar heb mij weer eens verslapen.
Ik bevind mij vandaag aan déze kant van de Oude Maas. Dat is dus aan de overzijde van waar ik vorige week was. Andermaal is een mooie grote roofvogel de eerste interessante vangst van de dag. Ietsje meer voorbereid op het onverwachte dan vorige week ben ik nu wel snel genoeg om deze vast te leggen, zij het vanaf behoorlijke afstand.
Nu dat ik het toestel al heb gepakt, houd ik het om mijn nek al ben ik nog niet op het geplande beginpunt. In de wei zie ik wat kievitten, ook op grote afstand, maar zodra ik stop met fietsen vliegen ze weg. Dat is goed nieuws, concludeer ik, want kennelijk zijn ze niet gewend mensen te zien; iets wat de levensvatbaarheid van de soort, of in elk geval van deze individuen, slechts ten goede komt.

De Carnisse grienden is een symfonie van vogelgeluiden. Sommige ken ik, andere herken ik maar kan ik niet plaatsen. Ik ben een langzame leerling. De grienden zijn verboden terrein voor fietsers en voor mensen met honden, met uitzondering van fietsers en van mensen met honden, zo blijkt al snel. Kennelijk zijn de mensen hier analfabeet en niet in staat plaatjes te duiden. Ik zie voor het eerst van mijn leven een groene specht en krijg hem nog op beeld ook. Diverse andere vogels schrikken zich te pletter als ze mij te laat gewaarworden; overigens nog altijd eerder dan ik hen gewaarword zodat mij van tijd tot tijd hetzelfde overkomt.
Als ik bijna een rondje heb gemaakt kom ik een plattegrond tegen. Aha, dus zo loop ik. Dat het bordje hier staat en niet waar ik begon, duidt er op dat mijn beginpunt niet het voorgeschreven beginpunt is. Het is dat, of de bordjesplaatser heeft het bordje geplaatst met de scholing van de omwonenden in het achterhoofd, in welk geval het niet uitmaakt waar je het neerzet.
Er is een vogelhut nabij! Mijn hart juicht. Een hond blaft. Drie Bolle Jannen komen uit drie auto's en gaan een stukje hardlopen. De vogelhut is zo geplaatst dat het zicht op vogels volledig is afgeschermd door een partij torenhoge rietstengels. Ik loop terug naar mijn fiets.

Verderop langs de Oude Maas loop ik door de wirwar van Rhoonse grienden en 'Klein Profijt', een gebied dat het hebben van twee namen niet rechtvaardigt aangezien het in elkaar overgaat. De mensen hier hebben op dezelfde school gezeten als de mensen van de Carnisse grienden.
Ik hoor overal vogels maar krijg ze nauwelijks in beeld. Toch is de expeditie geslaagd. Iedere mogelijkheid om vogels te zien of desnoods alleen maar te horen is geslaagd. Dan poseert een gekraagde roodstaart voor mij op enkele meters afstand. Hij neemt zijn tijd en geeft me alle kans. De tijd die hij neemt is echter wel in volgeltijd gerekend zodat ik nog van geluk mag spreken hem één maal te kunnen vastleggen.
Een volgende keer hoop ik mij niet te verslapen.

lutek Zondag 25 Mei 2014 at 9:26 pm | | default
Gebruikte Tags: , ,

Eén reactie

Lutek
https://www.facebook.com/lutek.dabrowski..
Lutek, - 25-05-’14 23:15
(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in reacties te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.