Naam in boek, handje schudden, deur weer uit. De familie had het kort gehouden. Het kleine zaaltje was gehuurd en er was geen koffie. De foto op de kist was er een van al 10 jaar geleden.
Op de kaart zag ik dat ze op dezelfde dag geboren was als ik, zij het 13 jaar eerder. Even rekenen. Oud is het niet, zoveel is zeker. Je staat alweer buiten voordat je er verder over na kunt denken.
Het is nog licht. Zullen we nog even bij pa en ma langsgaan, we zijn nu toch in de buurt.
Hoe nu verder? Redt hij het in zijn eentje? Wat vond je van de kist? Morgen wordt het geloof ik weer iets warmer. De formatie is mislukt. Is het huis nog niet verkocht? Heel leuk, die optocht vorige week, ik zal de foto's laten zien. Hoe was de vakantie eigenlijk? Wie wil er nog een koek? Neem er maar een mee voor onderweg.
De tijd vliegt, we gaan weer eens op huis aan. Dag.
Vrijdag 03 September 2010 at 11:22 pm |
¶ |
Geen reacties
Zitten is een slecht idee, nog slechter dan staan of lopen. Ik moet niet bewegen, ik moet eigenlijk de hele dag in bad liggen. Ja, in bad! Hoera. Eindelijk heb ik een aandoening die voordelen heeft. Had ik. Als het goed is heb ik het niet meer.
Wat hier aan vooraf ging...
In de zomer zijn mensen liever niet ziek, dat komt zo slecht uit. Ziek, net nu de zon een beetje schijnt? Nee dank je, ik wacht wel tot de herfst.
Mij komt dit juist gelegen want daardoor kan ik al voor over 2 dagen een afspraak in Ikazia maken, en hoef ik ook op de dag van de afspraak nergens lang te wachten. De afdeling chirurgie is gelegen op de 1e verdieping, volg de bordjes. Ik volg de bordjes. Het zijn de verkeerde bordjes die ik volg, ik loop in een gang met kamers die namen hebben: "De Oase", "Het Lichtpunt". De schrik slaat me om het hart terwijl ik hier niet voor mijn hart ben. Als je in een gang loopt waarop dergelijke kamers uitkomen weet je dat je niet lang meer te gaan hebt. Ik loop terug naar waar ik vandaan kwam en vind de juiste gang.
Klokslag(?) 10 uur 35 meld ik mij bij de juiste balie en mag even plaatsnemen. Ik hoef maar een paar minuten te wachten, maar in die paar minuten vermaak ik mij prima. Vóór mij drentelen wat mensen rond bij de folderwand. Dat is een grote wand met tientallen folders, en al die folders zijn specifiek informatief aangaande een bepaalde aandoening. De ronddrentelaars horen niet bij elkaar en zullen ook niet bij elkaar horen tenzij blijkt dat ze van dezelfde aandoening last hebben. Maar geen van hen wil zich in de kaart laten kijken. Dus, hoewel ze ongetwijfeld allemaal al lang en breed weten waar de folder staat die ze willen pakken, pakken ze die niet zolang de anderen erbij staan te kijken.
Het vervolg moet ik helaas missen. Ik stel me voor dat er uiteindelijk één afdruipt en een ander de kans schoon ziet om quasi nonchalant in het voorbijgaan een zogenaamd willekeurige folder uit het rek te pakken. Mocht het toeval willen dat dit de folder is die een andere drentelaar ook moest hebben, kunnen ze altijd nog in gesprek raken en tegen elkaar opbieden in hun respectievelijke lijdenswegverhalen.
Inmiddels ben ik in een kamer binnengeleid door een assistente en word nu onderzocht door dokter 1. Deze gaat dokter 2 raadplegen. Ik zit een paar minuten alleen in de kamer. De grond trilt, kaboem kaboem kaboem. Even denk ik dat er iemand met zware tred door de gang komt aangelopen, dan bedenk ik me dat er naast het ziekenhuis bouwwerkzaamheden gaande zijn.
De grond houdt op te trillen, de deur zwaait open, het is dokter 2. "Aambeien!", schalt zijn stem over de gehele 1e verdieping. Enkele passanten kijken nieuwsgierig naar binnen. Dokter 2 is doorgewinterd en constateert al snel dat er iets anders loos is. Hij controleert de tijd en meent dat ik "er wel even tussendoor kan". Over 5 minuten is hij terug. De assistente prepareert de benodigdheden voor de ingreep. "Hier had u zeker niet op gerekend?"
Dat klopt, ik had hier niet op gerekend. Maar het komt wel zo goed uit. Als het toch moet gebeuren, dan maar meteen. Nu geeft het me geen gelegenheid om er zenuwachtig voor te worden. De grootte van de injectiespuit die de assistente nu te voorschijn haalt ontkracht deze gedachte ten enen male.
Dokter 2, ook wel 'het dappere snijdertje' genoemd, is allang weer verdwenen als de assistente nog aan het dwijlen is. Gelukkig woon ik bij Ikazia aan de overkant en ben ik ook schuiffelend snel thuis. Een bad. Ik wil in bad. De voordelige aandoening is de kop ingedrukt, al merk ik er nog bitter weinig van.
Vrijdag 27 Augustus 2010 at 12:04 am |
¶ |
Geen reacties
1 dag te vroeg terug van Lowlands, 10 jaar te laat naar de dokter. Tot mijn oogballen onder de pijnstillers stap ik bij de verkeerde tramhalte uit. Ik woon al 42 jaar op Charlois maar ik stap verkeerd uit. Vervolgens loop ik langs de tramrails naar de volgende halte terwijl ik eigenlijk vanaf het punt waar ik uitstapte veel beter had af kunnen slaan.
De dokter roept me binnen. Ik schud hem de hand alsook de hand van een leerling. Op de brillenglazen van de leerling staan de woorden uit zijn studieboeken nog te lezen, zo vers is hij.
"Dag dokter, ik heb erg veel last van de achterkant, de onderkant, u weet wel, daar waar men liever niet over spreekt, en ik zou graag een operatie willen hebben." De dokter begint over aanpakken van de oorzaak maar het gaat langs me heen. Iets over voeding en stoelgang. Ik begrijp dat er niet zo snel tot opereren wordt overgegaan bij mijn soort klachten.
"Laten we eerst even naar hiernaast gaan", oppert de dokter. In colonne schuifelen we gedrieën naar hiernaast. Ik moet met de billen bloot. "Hoewww!!", roept de dokter. Er klinkt schrik en bewondering in zijn stem. Nog voordat ik mijn broek weer heb opgehesen, heeft hij de verwijskaart al geschreven. "Het zal erfelijk zijn bij u, dit is ehh..." Hij heeft er niet direct een goed woord voor maar ik begrijp dat ik in de wat zwaardere categorie val. "U heeft er aanleg voor."
Het is na 42 jaar goed om te weten dat ik toch nog ergens aanleg voor heb.
Ik wil nog iets weten over de bijwerkingen van Diclofenac maar kan het woord tot 3 maal toe niet uitspreken, zodat ik daarmee waarschijnlijk mijn eigen vraag al heb beantwoord. Beter probeer ik in korte zinnen te praten, geen komma's, geen bijzinnen, anders weet ik zelf ook niet meer wat ik zeg. En al zou ik het antwoord van de dokter begrijpen, dan weet ik weer niet wat mijn vraag was. Terwijl ik na zit te denken over de korte zinnen heeft de dokter zijn hand al uitgestoken. Deze schud ik. Ook schud ik de hand van de leerling, hoewel dat bij hem met aanzienlijk minder enthousiasme gepaard gaat dan bij de eerste begroeting.
Binnenkort mag ik Ikazia overtuigen van het nut van een operatie.
Dinsdag 24 Augustus 2010 at 01:37 am |
¶ |
Geen reacties
Voor de vierde keer blader ik het programmaboekje door in de ijdele hoop iets te zien wat ik nog niet gezien heb, iets wat me kan bewegen te blijven. Ik vind het niet. De festival-HEMA heeft me kunnen voorzien van een vers pakje paracetamol, waarin reeds bij de koffie al een flink gat geslagen is. Vandaag drink ik geen alcohol, ook al is het al half 1 's middags. Vandaag ga ik naar huis. Ik mag met de hoeveelheid pillen in mijn lijf vandaag waarschijnlijk nog minder auto rijden dan met de hoeveelheid alcohol gisteren, maar toch hou ik het voor gezien.
De bagage is gelukkig een stuk lichter dan op de heenweg. Anderhalf sixpack alcoholvrije biertjes is opgegaan. Koffie, cake, worstjes. De wijn is nog onaangeroerd. Die had ik nog zo keurig overgeschonken in plastic, volgens festivalmaatstaven. Ik denk dat ik één van de weinigen ben op de groene camping die dat heeft gedaan. Waggelend loop ik naar de uitgang. Morgen om deze tijd staat er een file van 3 uur om alleen al de parkeerplaats af te komen, net als vorig jaar. Dat loop ik nu in elk geval mooi mis.
De parkeerplaats is groot, wat zeg ik, de parkeerplaats is immens. Toch loop ik zowat in één keer goed. Maar de auto die ik zoek staat er niet. Ik ben een nul als het op auto's aankomt, daarom pak ik het kentekenbewijs om te controleren naar welk merk en kenteken ik ook alweer op zoek ben. Langzaam loop ik een stukje terug. Dan loop ik een volgend pad in. Dan een pad verder. Dan 3 paden terug, terug om de bomen. Nee, dat is onzin, ik stond zeer zeker aan deze kant van de bomen. De auto blijkt te staan op nog geen 20 meter waar ik eerst was, een half uur geleden. Het verschil met 2 dagen geleden is dat er nu een afzetting ontbreekt. Ik was steeds op zoek naar een laatste plek van een rij. Doordat de afzetting nu is weggehaald, staat de auto opeens midden in een rij.
Op het moment dat ik de auto zie (en even meen ik dat de auto mij ook ziet), ontvang ik een sms'je van huis. Tot straks, liefje, doe je voorzichtig. Kus.
Ik start de auto en rij bijna in één keer goed naar huis.
Dinsdag 24 Augustus 2010 at 01:31 am |
¶ |
Geen reacties
Veel van de optredende bands heb ik niet gezien, en wat ik heb gezien heeft me niet echt doen wankelen. Jónsi is de uitzondering. I Am Kloot was ook de moeite waard. "Kill me before you die", zong de zanger, "because I love you", wat ik een goed argument vind. De tip om Broken Bells te zien was een goeie tip, maar ik geloof dat die band meer tot zijn recht komt in een kleine zaal. Iets wat bij nader inzien voor veel bands geldt.
Nee, veel heb ik niet gezien maar ik moest en zou Blaudzun zien, weer. Waarom hij altijd maar weer het laatste nummer als tweede op de setlist zet is me een raadsel. Misschien dat er net een vliegje in mijn oog zat toen hij het speelde. In beide ogen dan. Of misschien is het de alcohol en de pijnstillers van de voorbije 2 dagen. Of misschien is het een of ander ondefinieerbaar gemis. Of anders de wind. Ja, de wind, het begint net wat te waaien. Het zal de wind zijn.
Het is niet erg druk in de India. Dat geeft niet. Het maakt het iets intiemer. Het is half 12, wat wil je? Maar gottogot, wat stinken die houten planken na 2 dagen van al dat gemorste bier. Ik zit meer buiten de tent dan dat ik binnen sta. Jeugdgenoot Johan spreekt me aan. Net nu, net nu ik bijna vertrek. Jij hier? Nee, jij hier? Samen luisteren we naar het laatste nummer van Blaudzun, zwijgend.
De zanger bestempelt zelf zijn optredens en het publiek meestal als 'fijn' (naderhand op facebook of hyves). En dat was het ook, het was fijn.
Bedankt Blaudzun. Bedankt iedereen die aan me gedacht heeft, of ik die nu wel of niet heb gezien. Bedankt iedereen die met me heeft gesproken, of die me nu kende of niet. Bedankt firma Bayer. Misschien tot volgend jaar.
Dinsdag 24 Augustus 2010 at 01:21 am |
¶ |
Geen reacties
Gezeten op een bankje voor de India, luisterend naar Beach House, van tijd tot tijd wegzwevend, van tijd tot tijd opstaand voor een foto of een biertje, evalueer ik het groen-gehalte van het festival met een jongen die zo dadelijk naar Alpha gaat om Snow Patrol te zien. Voorlopig blijft hij nog even zitten, zegt hij tijdens het eerste nummer. Een half uur later zegt hij dat nog een keer. Hij evalueert wat om zich heen, wat niet meevalt in het donker, en zegt: "Nou, als ik naar het gras kijk, dan is het elke dag slechter gesteld met het groen-gehalte hier op het festival."
Ik reageer hierop met: "Ik ken iemand die ik niet meer zie, maar die ik gisteren nog zag..."
Ik stop even om na te denken of het nog klopt wat ik zeg. Voordat ik begin verder te praten, stop ik nog een keer om te peilen of het iets uit zou maken voor het begrip dat de jongen voor mijn verhaal zou opbrengen. Tegen die tijd weet ik niet meer wat ik nu eigenlijk wilde vertellen.
Laura had gisteren een bizar pak aan dat iets groens uitdrukte, nee, dat heel veel groens uitdrukte, maar dat vooral erg veel pijn aan je ogen deed. Ze heeft zo wel gratis toegang tot het festival verkregen. Er gaan razend veel groene initiatieven uit van het festival. Zelf schaar ik het onder bezigheidstherapie, maar als je er gratis mee op het festival kunt komen valt er natuurlijk wel iets voor te zeggen.
Net als de jongen ben ik vandaag aangehouden door een Greenpeace-meisje met verlicht gezicht. Net als hij dacht ik in eerste instantie dat het iemand van een sekte was. De groene blik in haar ogen deed je huiveren. "Gaat u vandaag de wereld redden?"
Nou, ik dacht het niet, heb je al eens om je heen gekeken?
Anders dan hij ben ik zelfs twee keer staande gehouden. Door hetzelfde meisje. Met dezelfde vraag. Het is dat ik niet nog een reden nodig heb om het festival vroegtijdig te verlaten. Ik denk dat ik groener ben dan de meeste mensen die op een groen-camping staan. Dit dan slechts in termen van afval verzamelen, want afval maken doet iedereen natuurlijk net zo hard, terwijl dat nu hetgene is wat een halt zou moeten worden toegeroepen. Terwijl ik dit bedenk, schiet het mij te binnen dat ik zelf juist wèl op een groen-camping sta. Oei oei, hoe moeten de andere campings er dan uitzien? Ik vrees dat Laura nog tot laat in de week bezig zal zijn met puinruimen.
Dinsdag 24 Augustus 2010 at 12:00 am |
¶ |
Geen reacties
Semi-literair blog van Lutek Dabrowski. In 2007 geopend om de reis met Arnon Grunberg naar Ghana te verslaan; hierdoor de smaak te pakken gekregen en nadien doorgegaan met schrijven.